Arubaanse gevangeniswerker verliest strijd tegen uitgestelde bevordering — ORBAACM:2026:24
ambtenarenrecht / bevordering / uitgestelde bevorderingsdatum bij langdurige arbeidsongeschiktheid
Eiser / verzoeker
Appellant (gevangenisinrichtingswerker)
Verweerder / gedaagde
De Gouverneur van Aruba
Het hoger beroep is ongegrond verklaard; de bevorderingsdatum van appellant blijft vastgesteld op 1 mei 2020.
- Het 90-dagenbeleid is een vaste gedragslijn, geen beleidsregel in juridische zin; de terminologie 'beleid' is niet doorslaggevend maar de inhoudelijke kwalificatie.
- Een vaste gedragslijn hoeft niet schriftelijk te worden vastgelegd of gepubliceerd om rechtsgeldig te kunnen worden toegepast.
- Bij een niet-gepubliceerde gedragslijn moet het bestuursorgaan in elk besluit uitleggen wat de gedragslijn inhoudt en hoe die is toegepast.
- De gouverneur mocht de bevorderingsdatum met 727 dagen verschuiven (817 ziektedagen minus 90 vrijgestelde dagen).
- De Raad adviseerde de gouverneur de gedragslijn alsnog schriftelijk vast te leggen en extern bekend te maken in het belang van rechtszekerheid.
Samenvatting
Een gevangenisinrichtingswerker op Aruba heeft tevergeefs geprobeerd zijn uitgestelde bevordering ongedaan te maken. De Raad van Beroep in Ambtenarenzaken bevestigde dat de gouverneur van Aruba zijn bevorderingsdatum terecht heeft verschoven van 1 mei 2018 naar 1 mei 2020.
De man was gedurende zijn anciënniteitsperiode van twee jaar maar liefst 817 dagen afwezig geweest door arbeidsongeschiktheid. De gouverneur paste daarop het zogeheten 90-dagenbeleid toe: het aantal ziektedagen boven de 90 — in dit geval 727 dagen — wordt in mindering gebracht op de bevordering. Dat leidde tot een verschuiving van de bevorderingsdatum met bijna twee jaar.
In hoger beroep voerde de werknemer aan dat de gouverneur helemaal niet bevoegd was om de bevorderingsdatum te verschuiven, omdat het 90-dagenbeleid nooit officieel als beleidsregel is gepubliceerd of bekendgemaakt en daarmee nooit rechtsgeldig in werking zou zijn getreden. Volgens hem was er sprake van formeel beleid waaraan juridische vereisten kleven — vereisten waaraan niet was voldaan.
De Raad van Beroep verwierp dit betoog. Het enkele feit dat in de praktijk gesproken wordt van 'beleid' of '90-dagenbeleid' maakt nog niet dat er juridisch gezien sprake is van een beleidsregel. Doorslaggevend is de inhoudelijke kwalificatie: het 90-dagenbeleid is een vaste gedragslijn die is ontstaan door consistente besluitvorming in vergelijkbare gevallen. Zo'n gedragslijn hoeft niet schriftelijk te worden vastgelegd en gepubliceerd om geldig te zijn.
Wel heeft de niet-publicatie gevolgen voor de manier waarop de gouverneur zijn besluiten moet motiveren: hij kan niet volstaan met een enkele verwijzing naar de gedragslijn, maar moet in elk besluit uitleggen wat die gedragslijn inhoudt en hoe die concreet is toegepast. Aan die motiveringseis was in dit geval voldaan. De Raad voegde daar nog aan toe dat het voornemen om het beleid aan de ministerraad voor te leggen evenmin maakt dat er al sprake is van een formele beleidsregel.
De Raad deed een dringende aanbeveling aan de gouverneur: leg de vaste gedragslijn alsnog schriftelijk vast en maak haar extern bekend, in het belang van rechtszekerheid en kenbaarheid voor ambtenaren. Een verplichting is het echter niet.
Het hoger beroep slaagde niet. De uitspraak van de eerste rechter werd bevestigd, de bevorderingsdatum van de gevangenisinrichtingswerker blijft vastgesteld op 1 mei 2020, en de man krijgt geen proceskostenvergoeding.
Betrokken advocaten
mr. R.P. Lee
appellant
mr. A.F.J. Caster
verweerder
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:OGEAA:2026:19, Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 16-01-2026, 395 van 2025
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · Strafrecht
ECLI:NL:OGAACMB:2026:2, Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 12-01-2026, AUA202500789
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:OGAACMB:2026:1, Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 12-01-2026, AUA202403981
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:OGEAA:2025:362, Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 26-11-2025, AUA202503507 KG
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
27 maart 2026
Rechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
AUA2025H00107
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:ORBAACM:2026:24