ECLI:NL:PHR:2024:562, Parket bij de Hoge Raad, 22-05-2024, 23/05009 — PHR:2024:562
Samenvatting
Prejudiciële vragen art. 392 Rv (ECLI:NL:GHDHA:2023:2606). Wsnp. Uitleg art. 349a lid 1 Fw, dat het sinds 1 juli 2023 mogelijk maakt dat de wettelijke schuldsanering eerder aanvangt dan met het toelatingsvonnis. Moet de rechter bij de toepassing van deze bepaling als voorwaarde stellen dat in het minnelijk traject is voldaan aan de inspanningsplicht; dat in het minnelijk traject ten behoeve van de gezamenlijke schuldeisers is afgelost (gespaard) boven het vrij te laten bedrag waardoor aflossingen onder beslag niet meetellen, dat die aflossing maximaal is geweest en dat de gespaarde bedragen daadwerkelijk aan de boedel worden afgedragen?
Betrokken advocaten
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:HR:2026:96, Hoge Raad, 23-01-2026, 24/03640
Hoge Raad · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:PHR:2025:1089, Parket bij de Hoge Raad, 10-10-2025, 24/03640
Parket bij de Hoge Raad · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:HR:2025:1388, Hoge Raad, 26-09-2025, 24/02576
Hoge Raad · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:HR:2025:725, Hoge Raad, 09-05-2025, 24/00656
Hoge Raad · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
22 mei 2024
Instantie
Parket bij de Hoge RaadRechtsgebied
Civiel Recht; InsolventierechtZaaknummer
23/05009
ECLI
ECLI:NL:PHR:2024:562