Juristi.nl
ECLI:NL:RBAMS:2025:1453Civiel Recht

ECLI:NL:RBAMS:2025:1453, Rechtbank Amsterdam, 05-03-2025, C/13/747331 — RBAMS:2025:1453

Samenvatting

Liability for fraud and breaches of warranties in an M&A transaction. The Target’s CFO improperly approved certain cost deferrals and a provision for holiday accruals, intending to conceal the Target’s lower profitability in 2022 (the year preceding Completion). These actions are attributable to the Seller under well-established Supreme Court case law. The applicable standard is that actions and/or knowledge of the person doing the alleged act or having the relevant knowledge are attributable to a legal entity, if the actions and/or knowledge – based on standards prevalent in the community – may be considered actions and/or knowledge of the legal entity. This applies not only to persons within the legal entity having actual control over the entity, but also to a non-controlling officer who has knowledge of the subject-matter for which the entity is held liable, provided that the officer had a duty to communicate its actions or knowledge thereof to the legal entity. Such actions or knowledge are also attributable to the legal entity if the legal entity’s representative had a duty to enquire regarding the information needed to fulfil its duties. All of these situations arise in this case. The CFO’s actions constitute fraud under Dutch law (Article 3:44(3) Dutch Civil Code). This in turn means that the Seller breached certain warranties and that the limitation and exclusion of liability in the SPA do not apply. Therefore, the Seller is fully liable for any damages resulting from the breach of the warranties. The Court allows the parties to elaborate on the quantification of damages. The Court’s judgment also concerns Seller’s motion for disclosure of documents. The Court finds that the disclosure obligation in the Earn Out Annex to the SPA - construed on the basis of the most obvious text-based meaning - is limited to documents which are relevant to the review of the earn out calculation performed by the Purchaser. It does not extend to the assessment as to whether the Purchaser breached any earn out covenants. Furthermore, the document requests cannot be awarded on the basis of Article 843a Dutch Code of Civil Procedure. According to well-established case law, the Seller, to support its motion, must substantiate facts and circumstances to the effect that it is sufficiently likely that the alleged breach of contract (or tort) actually occurred. This requirement has not been met. Therefore, the motion is denied. ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Aansprakelijkheid voor fraude en het schenden van garanties in het kader van een M&A transactie. De CFO van de onderneming waarvan de aandelen werden verkocht (de target), verleende ten onrechte haar goedkeuring aan het schuiven met kosten en het treffen van een voorziening voor opgebouwde vakantierechten. Het doel daarvan was om te verbergen dat de target minder winstgevend was in 2022 (het jaar voorafgaand aan de overdracht van de aandelen). Deze handelingen kunnen worden toegerekend aan de verkoper. De maatstaf is dat gedragingen en kennis van de handelende persoon of de persoon die relevante kennis bezit worden toegerekend aan een rechtspersoon, als de gedragingen/kennis – naar verkeersopvattingen – aangemerkt kunnen worden als gedragingen/kennis van de rechtspersoon. Dit geldt niet alleen voor de personen die zeggenschap hebben over de rechtspersoon, maar ook voor een lagere functionaris die kennis heeft over het onderwerp waarvoor de rechtspersoon aansprakelijk is gesteld, mits die functionaris de plicht heeft om de rechtspersoon van zijn kennis of gedragingen op de hoogte te stellen. De gedragingen en kennis van deze functionaris zijn ook toerekenbaar, als de vertegenwoordiger van de rechtspersoon - om zijn taak goed te vervullen - een plicht had om naar de betreffende informatie te informeren. Al deze gevallen doen zich hier voor. De gedragingen van de CFO leveren bedrog op in de zin van artikel 3:44 lid 3 BW. Dit betekent dat de verkoper bepaalde garanties heeft geschonden, en dat de beperking en uitsluiting van aansprakelijkheid die in de Share Purchase Agreement (SPA) zijn opgenomen, toepassing missen. Gelet hierop is de verkoper volledig aansprakelijk voor de schade die is geleden ten gevolge van de schending van de garanties. De NCC stelt partijen in de gelegenheid zich uit de laten over de omvang van de schade. De NCC heeft ook een beslissing gegeven op een door de verkoper opgeworpen incident tot verstrekking van stukken. De NCC oordeelt dat de exhibitieverplichting die staat in de Earn Out Annex van de SPA – uitgelegd op basis van de meest voor de hand liggende taalkundige betekenis – beperkt is tot documenten die relevant zijn voor het beoordelen van de berekening van de earn out die is uitgevoerd door Koper. Die verplichting strekt zich niet mede uit tot het vaststellen van eventuele schendingen van de afspraken rondom de earn out. Het exhibitieverzoek is ook niet toewijsbaar op basis van artikel 843a Rv. Volgens vaste rechtspraak moet de verkoper ter onderbouwing van zijn incidentele vordering zodanige feiten en omstandigheden stellen dat voldoende aannemelijk is dat de gestelde tekortkoming (of onrechtmatige daad) zich heeft voorgedaan. Aan dit vereiste is niet voldaan. Daarom worden de incidentele vorderingen afgewezen.

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

5 maart 2025

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

C/13/747331

Procedure

NCC

ECLI

ECLI:NL:RBAMS:2025:1453

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBAMS:2026:3106
Rechtbank Amsterdam·26 mrt 2026
Civiel Recht
RBAMS:2026:3044
Rechtbank Amsterdam·25 mrt 2026
Civiel Recht
RBAMS:2026:3052
Rechtbank Amsterdam·25 mrt 2026
Civiel Recht
RBAMS:2026:2855
Rechtbank Amsterdam·19 mrt 2026
Civiel Recht