Juristi.nl

ECLI:NL:RBAMS:2025:289, Rechtbank Amsterdam, 15-01-2025, C/13/739533 / HA ZA 23-840 — RBAMS:2025:289

Samenvatting

Vervolg op ECLI:NL:RBAMS:2024:6245. Geen bewijs geleverd dat gedaagde correct is opgeroepen in een gerechtelijke procedure te Verenigde Arabische Emiraten. Het aldaar gewezen verstekvonnis komt niet aanmerking voor erkenning in Nederland. Op de vordering tot veroordeling van gedaagde tot betaling van kredietschuld is in deze procedure Nederlands recht van toepassing op grond van een persoonlijke borgstelling. Bij de kredietverlening is ook zekerheid verlangd door ondertekening van ongedateerde bankcheques. Het afgeven van een ongedekte cheque is naar het recht van de Verenigde Arabische Emiraten een strafbaar feit waarvoor gevangenisstraf wordt toegepast. Dat is naar Nederlands recht in strijd met de openbare orde. Daarmee is ook de borgstelling door gedaagde nietig. Het door eiseres gelegde conservatoir beslag is in beginsel onrechtmatig, gedaagde heeft echter onvoldoende gesteld waaruit zijn schade zou blijken, zodat zijn vorderingen tot schadevergoeding worden afgewezen.

Betrokken advocaten

mr. R.A.F. Harmsen

eiser

Regulus Advocatuur & Conflictmanagement, ZEIST

mr. D.M.J. Glazener

eiser

CMS, AMSTERDAM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

15 januari 2025

Zaaknummer

C/13/739533 / HA ZA 23-840

Procedure

Conservatoire maatregel

ECLI

ECLI:NL:RBAMS:2025:289

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBAMS:2026:3335
Rechtbank Amsterdam·18 maart 2026
Civiel Recht; Internationaal Privaatrecht
RBAMS:2026:2093
Rechtbank Amsterdam·26 februari 2026
Civiel Recht; Internationaal Privaatrecht
RBAMS:2026:2095
Rechtbank Amsterdam·26 februari 2026
Civiel Recht; Internationaal Privaatrecht
RBAMS:2026:1935
Rechtbank Amsterdam·17 februari 2026
Civiel Recht; Internationaal Privaatrecht
RBAMS:2026:1487
Rechtbank Amsterdam·12 februari 2026
Civiel Recht; Internationaal Privaatrecht