Juristi.nl
ECLI:NL:RBAMS:2026:2639Strafrecht; Europees Strafrecht

ECLI:NL:RBAMS:2026:2639, Rechtbank Amsterdam, 10-03-2026, 13/316298-25 — RBAMS:2026:2639

Samenvatting

Vervolgings-EAB uit België. Tussenuitspraak. Artikel 7 OLW: het is aan de uitvaardigende justitiële autoriteit om, aan de hand van het recht van de uitvaardigende lidstaat, te beoordelen of de strafbare feiten waarvoor overlevering wordt verzocht onder de hiervoor genoemde lijstfeiten vallen. Uitgangspunt is dat de rechtbank aan het oordeel van de uitvaardigende justitiële autoriteit is gebonden. Het feit ‘foltering’ waarvoor de overlevering wordt verzocht, valt onder het lijstfeit “deelneming aan een criminele organisatie”. Artikel 11 OLW: de rechtbank ziet aanleiding om ook in deze zaak nadere vragen te stellen aan de uitvaardigende justitiële autoriteit over de detentieomstandigheden in Mechelen waar de opgeëiste persoon mee te maken zal krijgen. De rechtbank heropent en schorst het onderzoek voor onbepaalde tijd.

Betrokken advocaten

mr. N. Stegerhoek

openbaar ministerie

Van Gessel, Jonge Vos, Hammerstein Advocaten, AMSTERDAM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

10 maart 2026

Zaaknummer

13/316298-25

Procedure

Tussenuitspraak

ECLI

ECLI:NL:RBAMS:2026:2639

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Rechtbank staat overlevering Poolse man aan Polen toe ondanks verstek
Rechtbank Amsterdam·31 maart 2026
Strafrecht; Europees Strafrecht
Rechtbank staat overlevering Tsjechische man aan Tsjechië toe
Rechtbank Amsterdam·26 maart 2026
Strafrecht; Europees Strafrecht
RBAMS:2026:3157
Rechtbank Amsterdam·24 maart 2026
Strafrecht; Europees Strafrecht
RBAMS:2026:3202
Rechtbank Amsterdam·24 maart 2026
Strafrecht; Europees Strafrecht
RBAMS:2026:3205
Rechtbank Amsterdam·24 maart 2026
Strafrecht; Europees Strafrecht