Juristi.nl
ECLI:NL:RBASS:2012:BY3528Strafrecht

ECLI:NL:RBASS:2012:BY3528, Rechtbank Assen, 13-11-2012, 19.830228-10 — RBASS:2012:BY3528

Samenvatting

Het bewezen geachte levert respectievelijk op: onder 2 subsidiair: mishandeling, gepleegd tegen zijn levensgezel, strafbaar gesteld bij artikel 300 juncto artikel 304 van het Wetboek van Strafrecht; onder 3: bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, strafbaar gesteld bij artikel 285 van het Wetboek van Strafrecht; onder 5: handelen in strijd met een in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod, strafbaar gesteld bij artikel 10 van de Opiumwet. Strafmotivering De rechtbank acht bewezen dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan mishandeling en bedreiging van zijn vriendin, [FD], gedurende een langere periode. Uit de aangifte van het slachtoffer blijkt dat zij grote angst had voor verdachte en dat haar minderjarige dochter een aantal keren getuige was van de mishandelingen en bedreigingen. De rechtbank rekent dit verdachte zwaar aan. Voorts zijn bij verdachte (hard-)drugs aangetroffen. De rechtbank is op grond van de ernst van het bewezen geachte, in samenhang met de hiervoor weergegeven overwegingen, feiten en omstandigheden, van oordeel dat in dit geval een onvoorwaardelijke werkstraf alsmede een voorwaardelijke gevangenisstraf van na te noemen omvang en duur, passend en geboden is.

Betrokken advocaten

mr. Y. Kikkert

verdachte

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

13 november 2012

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

19.830228-10

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBASS:2012:BY3528

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBASS:2012:BY7449
Rechtbank Assen·28 dec 2012
Strafrecht
RBASS:2012:BY7446
Rechtbank Assen·28 dec 2012
Strafrecht
RBASS:2012:BY7545
Rechtbank Assen·28 dec 2012
Strafrecht