ECLI:NL:RBBRE:2012:BX6336, Rechtbank Breda, 29-08-2012, 243070 / HA ZA 11-1532 — RBBRE:2012:BX6336
Samenvatting
De zaak betreft in hoofdzaak de verjaring van de vordering tot het doen van een uitkering krachtens een arbeidsongeschiktheidsverzekering en het overgangsrecht op dat punt. Ratio korte verjaringstermijn in het algemeen noopt tot uitleg bekendheid artikel 7:941 lid 1 BW die gelijk is aan uitleg bekendheid artikel 3:310 lid 1 BW. Met verwijzing naar artikel 3:310 lid 1 BW en de uitleg daarvan door de Hoge Raad wordt overwogen dat de bekendheid met opeisbaarheid als genoemd in artikel 7:942 lid 1 BW zo moet worden uitgelegd dat daaronder tevens moet worden verstaan bekendheid met voorzienbare toekomstige opeisbare vorderingen die voortvloeien uit een reeds bestaand, voortdurend risico (arbeidsongeschiktheid).
Betrokken advocaten
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBMNE:2025:6674, Rechtbank Midden-Nederland, 17-12-2025, 11896293
Rechtbank Midden-Nederland · Civiel Recht
ECLI:NL:RBMNE:2025:6732, Rechtbank Midden-Nederland, 25-11-2025, C/16/599165 / FT RK 25/878
Rechtbank Midden-Nederland · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHAMS:2025:3016, Gerechtshof Amsterdam, 04-11-2025, 200.344.301
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2025:13415, Rechtbank Rotterdam, 15-10-2025, C/10/687483 / HA ZA 24-882
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
29 augustus 2012
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
243070 / HA ZA 11-1532
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBBRE:2012:BX6336