Juristi.nl

ECLI:NL:RBDHA:2023:2914, Rechtbank Den Haag, 07-03-2023, C/09/612941 / FA RK 21-3720 — RBDHA:2023:2914

Samenvatting

Verklaring voor recht dat onderdeel i van bepaling A van de huwelijkse voorwaarden van partijen dat ziet op het geval dat de vrouw geen aanspraak heeft op de helft van het vermogen van de man ingeval zij het verzoek tot echtscheiding indient, in de situatie van partijen geen resultaat oplevert dat onverenigbaar is met de openbare orde, zodat op grond van de huwelijkse voorwaarden de aanspraak van de vrouw op het vermogen van de man vervalt, gelet op het feit dat zij het verzoek tot echtscheiding heeft ingediend; Bepaling dat ter zake de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden, in het bijzonder de bruidsgave, de man een bedrag van 40.000.265,50 en 150 volle Bahar-Azadi gouden munten aan de vrouw dient te betalen c.q. over te dragen, waarvan 40 Bahar-Azadi gouden munten pas aan de vrouw behoeven te worden overgedragen, zodra de man daartoe (weer) voldoende draagkracht heeft.

Betrokken advocaten

mr. P.C. Burger

belanghebbende

Salomons Beelaerts Advocaten, 'S-GRAVENHAGE

mr. A.G.G. Balkenende te Katwijk

belanghebbende

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

7 maart 2023

Zaaknummer

C/09/612941 / FA RK 21-3720

Procedure

Beschikking

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2023:2914

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBDHA:2026:5899
Rechtbank Den Haag·24 maart 2026
Civiel Recht; Personen- En Familierecht
RBDHA:2026:5859
Rechtbank Den Haag·10 maart 2026
Civiel Recht; Personen- En Familierecht
RBDHA:2026:5858
Rechtbank Den Haag·10 maart 2026
Civiel Recht; Personen- En Familierecht
RBDHA:2026:5860
Rechtbank Den Haag·10 maart 2026
Civiel Recht; Personen- En Familierecht
RBDHA:2026:5861
Rechtbank Den Haag·10 maart 2026
Civiel Recht; Personen- En Familierecht