ECLI:NL:RBDHA:2024:11879, Rechtbank Den Haag, 25-07-2024, NL23.37491 en NL23.2712 — RBDHA:2024:11879
Samenvatting
Eiser is een Turkse onderdaan en heeft een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd gedaan met als doel ‘arbeid als zelfstandige’. De rechtbank is van oordeel dat verweerder de aanvraag heeft mogen afwijzen omdat eiser geen geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) heeft. Anders dan eiser aanvoert, bestaat er een voldoende wettelijke basis voor het toepassen van het mvv-vereiste voor Turkse onderdanen. Daarnaast wordt de (her)invoering van het mvv-vereiste niet verboden door de standstillbepaling uit het Turkse Associatierecht. Voor het toepassen van het mvv-vereiste bestaat een rechtvaardiging in dwingende redenen van algemeen belang en is geschikt, noodzakelijk en evenredig. Ten slotte is de (her)invoering van het mvv-vereiste ook niet in strijd met het discriminatieverbod dat staat in artikel 9 van de Associatieovereenkomst EEG-Turkije en heeft verweerder de hoorplicht niet geschonden.
Betrokken advocaten
mr. H. Chamkh
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:297, Raad van State, 19-01-2026, 202504299/1/V3
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23373, Rechtbank Den Haag, 02-12-2025, NL24.14870
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23022, Rechtbank Den Haag, 28-11-2025, NL24.30496 (beroep) en NL22.4753 (voorlopige voorziening) en NL24.30986 (beroep) en NL22.4747 (voorlopige voorziening)
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RVS:2025:5723, Raad van State, 27-11-2025, 202400269/1/V3
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
25 juli 2024
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL23.37491 en NL23.2712
Procedure
Voorlopige voorziening+bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2024:11879