ECLI:NL:RBDHA:2024:23020, Rechtbank Den Haag, 25-10-2024, AWB24.13435 — RBDHA:2024:23020
Samenvatting
Aanvraag vbv-regulier tijdelijke humanitaire gronden als slachtoffer van eergerelateerd geweld; niet voldaan aan voorwaarden op grond waarvan deze vergunning kan worden verleend. Rechtbank komt daarom niet toe aan beoordeling van de beroepsgrond dat het onderscheid tussen onderdanen van landen die zijn vrijgesteld van het mvv-vereiste en onderdanen van landen die daarvan niet zijn vrijgesteld, een verboden onderscheid is op grond van nationaliteit, ras en etniciteit. Inreisverbod blijft in stand; eiser heeft zijn belangen naar voren gebracht middels schriftelijke zienswijze en niet uitgelegd waarom mondeling gehoor vereist zou zijn. Beroep ongegrond.
Betrokken advocaten
mr. C.W.M. van Breda
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2024:18969, Rechtbank Den Haag, 07-11-2024, C/09/659256 / HA RK 24-3
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:23019, Rechtbank Den Haag, 25-10-2024, AWB24.9624
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:15228, Rechtbank Den Haag, 29-07-2024, NL24.18812
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:15230, Rechtbank Den Haag, 29-07-2024, NL24.18813
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
25 oktober 2024
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
AWB24.13435
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2024:23020