ECLI:NL:RBDHA:2025:17596, Rechtbank Den Haag, 19-09-2025, NL24.32180 — RBDHA:2025:17596
Samenvatting
Eiser had een verblijfsvergunning asiel. De minister heeft deze met terugwerkende kracht ingetrokken, omdat eiser is veroordeeld wegens een misdrijf waar een gevangenisstraf van drie jaren of meer is bedreigd. De minister heeft verder aan eiser een vetrekplicht opgelegd en eiser zal voor 10 jaar worden gesignaleerd in het SIS. Eiser voert aan dat hij geen werkelijke, actuele en voldoende ernstige bedreiging voor de samenleving vormt. De rechtbank is van oordeel dat de minister voldoende heeft gemotiveerd waarom de persoonlijke gedragingen van eiser een werkelijke, actuele en voldoende ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving vormen. De eerst in beroep overgelegde stukken geven onvoldoende aanleiding tot een ander oordeel. Er is geen sprake van schending van het evenredigheidsbeginsel. Het opleggen van een vertrekplicht is het directe gevolg van de intrekking van de verblijfsvergunning van eiser. Het beroep is ongegrond.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:26378, Rechtbank Den Haag, 18-12-2025, NL25.38568
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:GHARL:2025:5559, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 11-09-2025, 200.352.768/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:15081, Rechtbank Den Haag, 13-08-2025, NL25.33834 en AWB25/14472
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:13978, Rechtbank Den Haag, 17-07-2025, NL25.19203
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
19 september 2025
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL24.32180
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:17596