Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2025:19566Civiel Recht; Arbeidsrecht

ECLI:NL:RBDHA:2025:19566, Rechtbank Den Haag, 21-10-2025, 11788272 \ RP VERZ 25-50516 — RBDHA:2025:19566

Samenvatting

In deze zaak verzoekt werkgever om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met werknemer. De kantonrechter wijst het verzoek toe, omdat er een redelijke grond is voor ontbinding, te weten een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsrelatie tussen partijen. Hoewel werknemer ziek is, staat het opzegverbod tijdens ziekte niet aan de ontbinding in de weg. Er was namelijk al sprake van een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsverhouding tussen (de enig bestuurder/eigenaar van) werkgever en werknemer, voordat werknemer zich ziek meldde. Het voorwaardelijk tegenverzoek van werknemer om toekenning van een transitievergoeding wordt toegewezen, De verzochte toekenning van een billijke vergoeding wordt afgewezen, omdat de ontbinding van de arbeidsovereenkomst niet het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van werkgever. Vanwege de familieband tussen (de enig bestuurder/eigenaar van) werkgever en werknemer ziet de kantonrechter aanleiding om proceskosten tussen partijen te compenseren.

Betrokken advocaten

mr. M. Smit

Schenkeveld Advocaten, ALKMAAR

mr. F. van de Nadort

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

21 oktober 2025

Zaaknummer

11788272 \ RP VERZ 25-50516

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2025:19566

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBDHA:2026:4786
Rechtbank Den Haag·5 maart 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBDHA:2026:3670
Rechtbank Den Haag·18 februari 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBDHA:2026:3217
Rechtbank Den Haag·18 februari 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBDHA:2026:3049
Rechtbank Den Haag·13 februari 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBDHA:2026:4211
Rechtbank Den Haag·12 februari 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht