ECLI:NL:RBDHA:2025:22277, Rechtbank Den Haag, 26-11-2025, C/09/693567 / KG ZA 25-1047 — RBDHA:2025:22277
Samenvatting
Kort geding. Overheidsaansprakelijkheid, wijziging Pbw, beperkingen geprivilegieerd advocaatcontact voor gedetineerden in een AIT. Eiser is verdachte in een drietal omvangrijke strafzaken. Hij is gedetineerd en geplaatst in een afdeling intensief toezicht (AIT). Op 1 november 2025 is de Penitentiaire Beginselenwet gewijzigd. Sinds die datum gelden voor gedetineerden in een AIT maatregelen die het contact tussen de gedetineerden en hun advocaat beperken. Met deze maatregelen wordt beoogd om misbruik van het vertrouwelijk advocaatcontact tegen te gaan. Deze maatregelen houden onder meer in dat een gedetineerde in beginsel nog maar met twee advocaten geprivilegieerd contact mag hebben en dat er visueel toezicht wordt gehouden op het advocaatbezoek. In dit kort geding vordert eiser buitenwerkingstelling van de nieuwe wettelijke bepalingen, omdat hij vindt dat deze bepalingen in strijd zijn met zijn recht op een eerlijk proces. Daarnaast vindt eiser dat hij bij het advocaatbezoek documenten en gegevensdragers moet kunnen uitwisselen met zijn advocaten. Verder wil eiser dat aan hem bepaalde (gecontroleerde) faciliteiten worden toegekend om in de strafzaken zijn eigen verdediging te kunnen voeren. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen tot het buiten toepassing laten van de nieuwe wettelijke bepalingen af. De maatregelen houden weliswaar een beperking in, maar ze zijn niet zonder meer in strijd met het recht op vrije toegang tot de raadsman of het recht op een eerlijk proces. Hiertoe is van belang dat eiser om bijstand van meer advocaten kan verzoeken en dat tegen een afwijzende beslissing een rechtsgang openstaat. Verder is visueel toezicht (zonder audio) niet zonder meer in strijd met het recht op vertrouwelijke communicatie tussen een gedetineerde en een advocaat. De maatregelen zijn daarom niet onmiskenbaar onrechtmatig. Voor het overige wat eiser wil bereiken – het uitwisselen van stukken en de toekenning van bepaalde faciliteiten – staat voor hem een andere rechtsgang open. Dit betekent dat eiser hiervoor niet bij de voorzieningenrechter in kort geding terecht kan. In die vorderingen is eiser niet ontvankelijk.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:1554, Rechtbank Den Haag, 28-01-2026, C/09/678384 / HA ZA 25-51
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBNNE:2026:47, Rechtbank Noord-Nederland, 14-01-2026, 18.205220.24
Rechtbank Noord-Nederland · Strafrecht; Materieel Strafrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:723, Rechtbank Den Haag, 09-01-2026, C/09/694644 / KG ZA 25-1132
Rechtbank Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:26438, Rechtbank Den Haag, 22-12-2025, C/09/696427 / KG ZA 25-1259
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
26 november 2025
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
C/09/693567 / KG ZA 25-1047
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:22277