Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2025:23839Bestuursrecht

ECLI:NL:RBDHA:2025:23839, Rechtbank Den Haag, 02-12-2025, 25/6466 — RBDHA:2025:23839

Samenvatting

Verzoek om een voorlopige voorziening. Verzoeker vraagt de voorzieningenrechter de voorlopige voorziening te treffen dat de derde-partij (woningcorporatie) voor de duur van de beroepsprocedure wordt opgedragen de camerabewaking te verwijderen of uit te schakelen. De voorzieningenrechter is van oordeel dat geen sprake is van een spoedeisend belang. Verzoeker heeft niet toegelicht welke (onomkeerbare) nadelige gevolgen hij ondervindt van het cameratoezicht. Het is de voorzieningenrechter niet gebleken dat verzoeker een uitspraak in de bodemprocedure niet kan afwachten. Verzoek afgewezen.

Betrokken advocaten

mr. E. de Ruiter

verweerder

Huisvestingsadvocaten, ROTTERDAM

mr. S.W. Hu

verweerder

Advocatenkantoor Hu, 'S-GRAVENHAGE

mr. W. van Steenbergen

verweerder

mr. C. Beckers

verweerder

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

2 december 2025

Rechtsgebied

Bestuursrecht

Zaaknummer

25/6466

Procedure

Voorlopige voorziening

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2025:23839

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBDHA:2026:7261
Rechtbank Den Haag·30 mrt 2026
Bestuursrecht
RBDHA:2026:5836
Rechtbank Den Haag·18 mrt 2026
Bestuursrecht
RBDHA:2026:5109
Rechtbank Den Haag·13 mrt 2026
Bestuursrecht