ECLI:NL:RBDHA:2025:23839, Rechtbank Den Haag, 02-12-2025, 25/6466 — RBDHA:2025:23839
Samenvatting
Verzoek om een voorlopige voorziening. Verzoeker vraagt de voorzieningenrechter de voorlopige voorziening te treffen dat de derde-partij (woningcorporatie) voor de duur van de beroepsprocedure wordt opgedragen de camerabewaking te verwijderen of uit te schakelen. De voorzieningenrechter is van oordeel dat geen sprake is van een spoedeisend belang. Verzoeker heeft niet toegelicht welke (onomkeerbare) nadelige gevolgen hij ondervindt van het cameratoezicht. Het is de voorzieningenrechter niet gebleken dat verzoeker een uitspraak in de bodemprocedure niet kan afwachten. Verzoek afgewezen.
Betrokken advocaten
mr. W. van Steenbergen
verweerder
mr. C. Beckers
verweerder
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:8618, Rechtbank Rotterdam, 30-04-2025, C/10/696800 / KG ZA 25-257
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2025:3868, Rechtbank Rotterdam, 20-03-2025, C/10/695550 / KG ZA 25-194
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2024:934, Rechtbank Rotterdam, 14-02-2024, C/10/671748 / KG ZA 24-26
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBROT:2022:7732, Rechtbank Rotterdam, 09-09-2022, 9671257 CV EXPL 22-3827
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
2 december 2025
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
25/6466
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:23839