Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2025:25406Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht

ECLI:NL:RBDHA:2025:25406, Rechtbank Den Haag, 11-12-2025, NL23.20780 — RBDHA:2025:25406

Samenvatting

Het beroep is gegrond omdat de minister het bestreden besluit in beroep van een aanvullende motivering heeft voorzien. De rechtsgevolgen van het bestreden besluit kunnen in stand blijven. De minister heeft zich niet ten onrechte op het standpunt gesteld dat aan de asielmotieven afvalligheid van de islam en bekering tot het christendom geen geloof kan worden gehecht. Een van de redenen daarvoor is dat eiser gebruik heeft gemaakt van een voorafgaand aan zijn asielaanvraag onder begeleiding van een juridisch adviseur ingestudeerd asielrelaas. Voor wat betreft de politieke overtuiging van eiser en de risico’s bij terugkeer op de luchthaven heeft de minister zich voldoende deugdelijk gemotiveerd op het standpunt gesteld dat hieruit geen gegronde vrees voor vervolging of een reëel risico op ernstige schade volgt. Een reden om eiser internationale bescherming te verlenen is er daarom niet. De afwijzing van de asielaanvraag van eiser houdt stand.

Betrokken advocaten

mr. J.J. Eizenga

eiser

Advocatenkantoor Eizenga, AMERONGEN

mr. J.V. de Kort

eiser

Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn, 'S-GRAVENHAGE

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

11 december 2025

Zaaknummer

NL23.20780

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2025:25406

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBDHA:2026:8227
Rechtbank Den Haag·8 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Rechter wijst schadevergoeding af voor Ghanese man in vreemdelingenbewaring
Rechtbank Den Haag·8 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Ghanees krijgt geen verblijfsdocument EU/EER: relatie onvoldoende bewezen
Rechtbank Den Haag·8 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
RBDHA:2026:8251
Rechtbank Den Haag·8 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
RBDHA:2026:8226
Rechtbank Den Haag·8 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht