ECLI:NL:RBDHA:2026:1771, Rechtbank Den Haag, 02-02-2026, NL24.29400 — RBDHA:2026:1771
Samenvatting
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag niet in stand kan blijven. De rechtbank volgt de meervoudige kamer van deze rechtbank en zittingsplaats die recent heeft geoordeeld dat verweerder niet deugdelijk heeft gemotiveerd dat in Syrië op dit moment de laagste gradatie van willekeurig geweld van toepassing is. Verder is de rechtbank van oordeel dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom eiser geen vluchteling is als bedoeld in het Vluchtelingenverdrag. Eiser heeft zich immers gemotiveerd op het standpunt gesteld dat hij als Druze afkomstig uit de provincie Suweida vreest voor vervolging op grond van zijn religieuze overtuiging.
Betrokken advocaten
mr. F. Mahler
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:1969, Rechtbank Den Haag, 04-02-2026, NL25.61228
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:1513, Rechtbank Den Haag, 29-01-2026, NL25.47804
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:987, Rechtbank Den Haag, 16-01-2026, NL24.28106
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:1496, Rechtbank Den Haag, 09-01-2026, NL24.25301
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
2 februari 2026
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL24.29400
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:1771