Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2026:1771Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht

ECLI:NL:RBDHA:2026:1771, Rechtbank Den Haag, 02-02-2026, NL24.29400 — RBDHA:2026:1771

Samenvatting

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag niet in stand kan blijven. De rechtbank volgt de meervoudige kamer van deze rechtbank en zittingsplaats die recent heeft geoordeeld dat verweerder niet deugdelijk heeft gemotiveerd dat in Syrië op dit moment de laagste gradatie van willekeurig geweld van toepassing is. Verder is de rechtbank van oordeel dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom eiser geen vluchteling is als bedoeld in het Vluchtelingenverdrag. Eiser heeft zich immers gemotiveerd op het standpunt gesteld dat hij als Druze afkomstig uit de provincie Suweida vreest voor vervolging op grond van zijn religieuze overtuiging.

Betrokken advocaten

mr. A. Hol

eiser

Leijen en Nandoe Advocatuur, ALKMAAR

mr. F. Mahler

eiser

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

2 februari 2026

Zaaknummer

NL24.29400

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2026:1771

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBDHA:2026:8395
Rechtbank Den Haag·9 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
RBDHA:2026:8415
Rechtbank Den Haag·9 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
RBDHA:2026:8386
Rechtbank Den Haag·9 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
RBDHA:2026:8440
Rechtbank Den Haag·9 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
RBDHA:2026:8438
Rechtbank Den Haag·9 april 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht