Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2026:1975Civiel Recht; Arbeidsrecht

ECLI:NL:RBDHA:2026:1975, Rechtbank Den Haag, 12-02-2026, 11430804 RP VERZ 24-50701 — RBDHA:2026:1975

Samenvatting

Verzoeker is werkzaam geweest bij de Drug Enforcement Administration (DEA) in Turkije en Nederland. De arbeidsovereenkomst is opgezegd na twee jaar arbeidsongeschiktheid. Verzoeker heeft recht op een transitievergoeding over de volledige arbeidsperiode wegens opvolgend werkgeverschap. Ook bestaat recht op een billijke vergoeding wegens het ontbreken van UWV-toestemming voor de opzegging, maar deze wordt op nihil gesteld mede omdat het doorlopen van een UWV-procedure financieel geen verschil zou hebben gemaakt. Verzoeker heeft geen recht op achterstallig loon wegens een onjuiste inschaling of overuren en ook niet op een beschikbaarheids- of een gevarentoelage. Deze vorderingen zijn daarnaast deels verjaard en ten aanzien van de overurenvordering is ook de klachtplicht geschonden. De vorderingen uit hoofde van werkgeversaansprakelijkheid op grond van artikel 7:658 BW worden afgewezen. Van schending van de zorgplicht of goed werkgeverschap is geen sprake. De strafrechtelijke normen van 126g van het Wetboek van Strafvordering e.v. strekken niet tot bescherming van werknemers tegen gevaarlijk werk in de zin van artikel 7:658 BW.

Betrokken advocaten

mr. J. van der Voet

Pellicaan Advocaten, ROTTERDAM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

12 februari 2026

Zaaknummer

11430804 RP VERZ 24-50701

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2026:1975

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBDHA:2026:4786
Rechtbank Den Haag·5 mrt 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBDHA:2026:3670
Rechtbank Den Haag·18 feb 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBDHA:2026:3217
Rechtbank Den Haag·18 feb 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBDHA:2026:3049
Rechtbank Den Haag·13 feb 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBDHA:2026:4211
Rechtbank Den Haag·12 feb 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht