ECLI:NL:RBDHA:2026:3556, Rechtbank Den Haag, 10-02-2026, 24_3762 — RBDHA:2026:3556
Samenvatting
Eiseres is moedermaatschappij in een fiscale eenheid en is 50% firmant in een VoF. De Vof heeft bij de verkoop van een schip in 2018 een boekwinst behaald die is gedoteerd aan de HIR. De Vof is in 2019 ontbonden. Bankschulden van de Vof zijn in 2019 gedeeltelijk kwijtgescholden (de kwijtschelding). In geschil is of eiseres ter zake van de kwijtschelding aanspraak maakt op de kwijtscheldingsvrijstelling. Naar het oordeel van de rechtbank is dat niet het geval. De rechtbank volgt eiseres niet in haar standpunt dat bij de bepaling van de zelfstandige winst van eiseres de dotatie aan de HIR buiten aanmerking moet worden gelaten. Eiseres maakt dan ook niet aannemelijk dat zij aanspraak op de kwijtscheldingsvrijstelling had gehad indien zij niet in fiscale eenheid was gevoegd. De rechtbank vermindert de bij de aanslag Vpb in rekening gebrachte belastingrente. Beroep derhalve gegrond.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2021:3674, Gerechtshof Amsterdam, 23-11-2021, 19/00639
Gerechtshof Amsterdam · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:RVS:2016:333, Raad van State, 10-02-2016, 201501835/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2015:11151, Rechtbank Den Haag, 27-01-2015, AWB - 14 _ 4109
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:RBDHA:2014:16667, Rechtbank Den Haag, 16-12-2014, AWB - 14 _ 6854
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Belastingrecht
Gegevens
Datum uitspraak
10 februari 2026
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; BelastingrechtZaaknummer
24_3762
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:3556