Rechter dwingt minister tot besluit op asielaanvraag binnen zestien weken — RBDHA:2026:7418
niet tijdig beslissen op asielaanvraag / dwangsom bestuursrecht
Eiser / verzoeker
Asielzoeker (naam geanonimiseerd)
Verweerder / gedaagde
Minister van Asiel en Migratie
Beroep gegrond verklaard; minister moet binnen zestien weken beslissen op de asielaanvraag, op straffe van een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000, en moet €467 aan proceskosten vergoeden.
- De beslistermijn op de asielaanvraag was verstreken zonder dat de minister een besluit had genomen
- De rechtbank verklaarde het beroep wegens niet tijdig beslissen kennelijk gegrond
- De minister krijgt zestien weken (het '8+8 wekenmodel') om alsnog een besluit te nemen
- Bij overschrijding van die termijn geldt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000
- De minister moet €467 aan proceskosten aan de asielzoeker vergoeden
Samenvatting
Een asielzoeker heeft met succes beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag omdat de minister van Asiel en Migratie niet op tijd heeft beslist op zijn asielaanvraag van 21 april 2025. De rechtbank deed uitspraak zonder zitting.
De wet schrijft voor dat de minister binnen een bepaalde termijn een beslissing neemt op een asielaanvraag. Die termijn was in dit geval al verlopen zonder dat er een besluit was genomen. De asielzoeker waarschuwde de minister vervolgens schriftelijk en gaf hem nog twee weken de tijd om alsnog te beslissen. Toen ook dat uitbleef, stapte hij naar de rechter.
De rechtbank oordeelde dat het beroep gegrond is. Bij het vaststellen van een nieuwe beslistermijn volgde de rechter de zogeheten '8+8 wekenmodel'-lijn van de hoogste bestuursrechter, de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dat model houdt in dat de minister in totaal zestien weken de tijd krijgt om een besluit te nemen, te rekenen vanaf de dag na bekendmaking van de uitspraak.
Om naleving af te dwingen, legt de rechtbank een dwangsom op. Als de minister de nieuwe termijn van zestien weken niet haalt, moet hij de asielzoeker honderd euro per dag betalen, met een maximum van vijftienduizend euro. Daarnaast moet de minister de proceskosten van de asielzoeker vergoeden, vastgesteld op 467 euro.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:119, Gerechtshof Amsterdam, 21-01-2025, 200.336.301/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2023:1021, Gerechtshof Amsterdam, 02-05-2023, 200.317.064/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2021:3570, Gerechtshof Amsterdam, 16-11-2021, 200.288.465/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2021:2301, Gerechtshof Amsterdam, 20-07-2021, 200.288.465/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
1 april 2026
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL26.10058
Procedure
Vereenvoudigde behandeling
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:7418