ECLI:NL:RBGEL:2025:10979, Rechtbank Gelderland, 16-12-2025, ARN 24/913 — RBGEL:2025:10979
Samenvatting
Herhaald zelfstandig verzoek om schadevergoeding. Omdat het schadeveroorzakend handelen heeft plaatsgevonden in 1999, toen eiser niet werd geplaatst in de door hem gewenste functie, is het recht zoals dat gold vóór 1 juli 2013 van toepassing op het verzoek om schadevergoeding. Geen sprake van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden. De e-mail van 10 mei 2022 is geen nieuw ‘bewijs’ voor de door eiser gestelde omstandigheid dat de minister in 2004 een oneigenlijk middel heeft gebruikt om hem te dwingen tot pensionering en voor het door hem gestelde beleid van de minister dat volgens hem in de weg heeft gestaan aan plaatsing in 1999 in de door hem gewenste functie. Geen redenen waarom de afwijzing van het herhaalde verzoek om schadevergoeding evident onredelijk zou zijn
Betrokken advocaten
mr. A. van der Bent
eiser
mr. D.J. Diederix
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2023:1917, Centrale Raad van Beroep, 12-10-2023, 22/3681 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBROT:2022:335, Rechtbank Rotterdam, 17-01-2022, C/10/630748 / FA RK 21-9548
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:CRVB:2021:1482, Centrale Raad van Beroep, 18-06-2021, 20/3872 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:CRVB:2021:1486, Centrale Raad van Beroep, 18-06-2021, 19/2600 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
16 december 2025
Instantie
Rechtbank GelderlandRechtsgebied
Bestuursrecht; BestuursprocesrechtZaaknummer
ARN 24/913
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2025:10979