ECLI:NL:RBHAA:2012:BX9598, Rechtbank Haarlem, 09-10-2012, 15/740226-11 en 15/710337-12 — RBHAA:2012:BX9598
Samenvatting
De rechtbank Haarlem heeft op 9 oktober 2012 een 28-jarige man vrijgesproken van moord, maar veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 jaar voor doodslag. De rechtbank stelt in het vonnis vast dat het 25-jarige vrouwelijke slachtoffer is overleden tengevolge van een kogel die haar rug ter hoogte van het rechter schouderblad is binnengedrongen. De kogel heeft het lichaam aan de voorzijde verlaten en is uiteindelijk aangetroffen in een pilaar in de centrale hal van het hotel, voor het internetcafé tegenover de draaideur, waar zij zich toevallig op dat moment bevond. Mede aan de hand van de camerabeelden vanuit de centrale hal van het hotel die op de zitting zijn getoond, constateert de rechtbank dat verdachte dit dodelijke schot heeft afgevuurd. Verdachte was de enige met een vuurwapen en heeft in totaal 11 keren gevuurd om te proberen een einde aan een vechtpartij in de hal te maken, die in feite al voorbij was. De rechtbank neemt niet aan dat verdachte met voorbedachte raad (moord) dan wel doelbewust op 20 februari 2011 de jonge vrouw heeft willen doden. Maar door vanaf de draaideur enigszins naar boven in de richting van de centrale hal te schieten, waar het slachtoffer en andere mensen (deels) zichtbaar voor verdachte aanwezig waren, heeft verdachte bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat één van de aanwezigen dodelijk zou worden getroffen. De rechtbank acht het vanwege het ontbreken van beschadigingen in de schootsbaan niet aannemelijk dat de vrouw door het terugketsen van de kogel geraakt zou zijn. Ook de verklaring van verdachte dat het slachtoffer blijkbaar geraakt is door een kogel die hij tegen het glas van de draaideur heeft afgevuurd om een vluchtweg te creëren, en die daarbij kennelijk is afgeketst, wordt niet ondersteund. In de etalage van de draaideur is immers ook een kogel gevonden. De rechtbank heeft verdachte verder veroordeeld voor een bedreiging met mishandeling van zijn vriendin op 19 februari 2011, waarbij hij ook weer een vuurwapen heeft gebruikt. Tenslotte is verdachte vanwege onvoldoende bewijs vrijgesproken van een overval op een woning in Rotterdam. De rechtbank veroordeelt verdachte voor de doodslag en de bedreiging met mishandeling tot een gevangenisstraf van 12 jaar. De rechtbank heeft hierbij mee gewogen dat verdachte het slachtoffer het hoogste goed, haar leven, heeft ontnomen en bovendien daarmee haar familie onherstelbaar leed heeft toegebracht. Verdachte gaat blijkbaar zeer gemakkelijk tot het gebruik van een vuurwapen over. Verdachte heeft een fors strafblad, onder meer voor poging doodslag en vuurwapenbezit, en was nog maar kort vrij toen hij het dodelijke schot afvuurde. Hij vormt, zo overweegt de rechtbank, een ernstige bedreiging voor de samenleving en deze moet daarom langdurig tegen verdachte worden beschermd.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHDHA:2017:1583, Gerechtshof Den Haag, 13-06-2017, 200.204.774-01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:GHDHA:2016:2417, Gerechtshof Den Haag, 16-02-2016, 200.172.725-01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:GHDHA:2016:6, Gerechtshof Den Haag, 12-01-2016, 200.116.152-01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:GHDHA:2015:2739, Gerechtshof Den Haag, 30-06-2015, 200.141.198/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
9 oktober 2012
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
15/740226-11 en 15/710337-12
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBHAA:2012:BX9598