ECLI:NL:RBHAA:2012:BY9735, Rechtbank Haarlem, 06-12-2012, 12/3459 — RBHAA:2012:BY9735
Samenvatting
Inkeerregeling. Eiseres heeft over de jaren 1998 - 2009 haar in het buitenland aangehouden bankrekening niet aangegeven. In 2010 heeft zij alsnog te kennen gegeven dat zij gerechtigd was tot dat vermogen. De niet geheven belasting wordt nagevorderd en aan eiseres wordt op grond van de in 2010 geldende inkeerregeling een boete opgelegd van 15%. De vraag is of de wijziging van de inkeerregeling een hogere straf wordt opgelegd dan gold ten tijde van het beboetbare feit. De rechtbank oordeelt dat nu de bepaling waarop de boete is gebaseerd gelijk is gebleven, en er niet van een verandering van inzicht van de wetgever omtrent de strafwaardigheid is gebleken, geen sprake is van een strafverzwaring.
Betrokken advocaten
mr. B.C.E.M. Jöbses
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHDHA:2026:338, Gerechtshof Den Haag, 03-03-2026, BK-25/542
Gerechtshof Den Haag · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:GHSHE:2026:462, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 25-02-2026, 24/1254
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:GHDHA:2026:330, Gerechtshof Den Haag, 17-02-2026, BK-25/198
Gerechtshof Den Haag · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:GHSHE:2026:323, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 11-02-2026, 24/840 en 24/841
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Bestuursrecht; Belastingrecht
Gegevens
Datum uitspraak
6 december 2012
Instantie
Rechtbank HaarlemRechtsgebied
Bestuursrecht; BelastingrechtZaaknummer
12/3459
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBHAA:2012:BY9735