ECLI:NL:RBLIM:2019:9005, Rechtbank Limburg, 08-10-2019, AWB - 17 _ 4240u — RBLIM:2019:9005
Samenvatting
Wmo. Intrekking pgb ten behoeve van woningaanpassing. Verweerder was in beginsel bevoegd het aan eiseres toegekende pgb in te trekken nu dat niet is besteed voor aanpassing aan haar woning. Verweerder dient een belangenafweging te maken. Verweerder heeft niet gemotiveerd waarom zijn belang bij intrekking zwaarder weegt dan de gevolgen voor de intrekking van het pgb voor eiseres. Voor een kenbare deugdelijke belangenafweging bestaat volgens de rechtbank des te meer grond gelet op de bijzondere omstandigheden van het geval. Beroep gegrond.
Betrokken advocaten
mr. S.A.R. Lely
eiser
mr. J.P.C.M. van Riet
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:5087, Rechtbank Den Haag, 12-03-2026, NL26.10781
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBLIM:2026:2162, Rechtbank Limburg, 05-03-2026, ROE 26/337
Rechtbank Limburg · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBLIM:2026:309, Rechtbank Limburg, 14-01-2026, ROE 25/1489
Rechtbank Limburg · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:2611, Rechtbank Den Haag, 12-01-2026, NL25.63350 en NL25.63482
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
8 oktober 2019
Instantie
Rechtbank LimburgRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
AWB - 17 _ 4240u
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2019:9005