ECLI:NL:RBLIM:2025:13014, Rechtbank Limburg, 30-12-2025, C/03/347847 KG ZA 25-487 — RBLIM:2025:13014
Samenvatting
Waar gaat de zaak over? [eiseres] is de moeder van [naam zoon]. [naam zoon] en [gedaagde] hadden zeven jaar lang een relatie met elkaar en woonden in [woonplaats]. [naam zoon] is thuis bij zijn moeder overleden aan zelfdoding nadat [gedaagde] de relatie had verbroken. [eiseres] heeft de crematie geregeld en betaald. [gedaagde] wil de as van [naam zoon] hebben. [eiseres] wil de as van [naam zoon] ook hebben. Zij worden het niet eens over de bestemming van de as. [gedaagde] heeft beslag laten leggen op de as. De asbus wordt nu bewaard bij de deurwaarder. De rechtbank in Breda heeft eerder bepaald dat moeder de as mag hebben. [gedaagde] heeft hoger beroep ingesteld. Het hof heeft bepaald dat [gedaagde] de as mag hebben. Deze beslissing van het hof is uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Dat betekent dat [gedaagde] die beslissing meteen kan laten uitvoeren en de asbus dus ieder moment zou kunnen ophalen bij de deurwaarder. Dat kan hij ook doen als de beslissing van het hof nog niet definitef vaststaat. [eiseres] wil dat de hoogste rechter bekijkt of de beslissing van het hof juist is (cassatie instellen). Zij wil voorkomen dat de as van [naam zoon] verdwenen blijkt te zijn als zij de as toch zou mogen hebben. Daarom heeft zij de voorzieningenrechter gevraagd om te bepalen dat de deurwaarder de asbus nog niet aan [gedaagde] mag geven totdat definitief vaststaat dat de as naar [gedaagde] gaat. Wat heeft de voorzieningenrechter beslist? Hoe is de procedure gelopen? De vordering van [eiseres] is op 16 december 2025 op zitting behandeld. [eiseres] is daarbij aanwezig geweest met haar advocaat. [gedaagde] is niet naar de zitting gekomen. Hij heeft ook niet gevraagd om via een beeld- of geluidverbinding mee te doen. Namens hem is een kantoorgenoot van zijn advocaat aanwezig geweest. Na afloop van de zitting heeft de voorzieningenrechter meteen (schriftelijk) uitspraak gedaan (kop-staartvonnis). Het vonnis is aan de aanwezige advocaten meegegeven. De uitspraak was dat de asbus van [naam zoon] voorlopig bij de deurwaarder moet blijven en dat de redenen voor die uitspraak uiterlijk op 30 december 2025 zouden worden gegeven. Die redenen staan in deze schriftelijke uitwerking van de beslissing van 16 december 2025 Kop-staart vonnis zie ECLI:NL:RBLIM:2025:13024
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBZWB:2024:539, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 31-01-2024, C/02/408413/HA ZA 23-205 (T)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBZWB:2023:7710, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 07-11-2023, C/02/411810 / KG ZA 23-342 (E)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHSHE:2023:614, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 21-02-2023, 200.296.333_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBZWB:2022:7179, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30-11-2022, C/02/391169 / HA ZA 21-623
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
30 december 2025
Instantie
Rechtbank LimburgRechtsgebied
Civiel Recht; Burgerlijk ProcesrechtZaaknummer
C/03/347847 KG ZA 25-487
Procedure
Kort geding
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2025:13014