ECLI:NL:RBLIM:2025:6659, Rechtbank Limburg, 10-07-2025, ROE 21/3115 — RBLIM:2025:6659
Samenvatting
Trefwoorden: handhavend optreden, concreet zicht op legalisatie, vertrouwensbeginsel, vergoeding dispositieschade, verlenging van de begunstigingstermijn. Betreft beroep tegen een besluit waarbij aan eiser een last onder dwangsom is opgelegd wegens het zonder omgevingsvergunning bouwen en in stand laten van een mantelzorgwoning. Tussen partijen is niet in geschil dat verweerder bij eiser het gerechtvaardigd vertrouwen heeft gewekt dat voor de bouw van de mantelzorgwoning op de gekozen locatie geen omgevingsvergunning was vereist. Verweerder mocht de belangen gediend bij handhaving zwaarder laten wegen dan de belangen van eiser bij honorering van het gewekte vertrouwen. Verweerder heeft echter het bestaan van dispositieschade in het bestreden besluit miskend. De beroepsgrond gericht tegen de weigering dispositieschade te vergoeden slaagt. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen op het bezwaar tegen het primaire besluit met inachtneming van de uitspraak.
Betrokken advocaten
mr. S.N.J. Kerkhoff
eiser
mr. F.M.A. van der Loo
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBLIM:2026:219, Rechtbank Limburg, 12-01-2026, ROE 25/2687
Rechtbank Limburg · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:8931, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15-12-2025, 25/2560
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
ECLI:NL:CBB:2025:567, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 01-10-2025, 24/453
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:4407, Raad van State, 17-09-2025, 202202632/1/R3
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
10 juli 2025
Instantie
Rechtbank LimburgRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
ROE 21/3115
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2025:6659