ECLI:NL:RBMID:2012:BY2949, Rechtbank Middelburg, 13-11-2012, 12/421 — RBMID:2012:BY2949
Samenvatting
Klaagschrift artikel 1:37 Algemene douanewet, beslag op binnenvaartschip, ongegrond, geen geldelijke tegemoetkoming. Kennelijke bedoeling om goederen aan ambtelijk toezicht te onttrekken. Klaagster is in de voorafgaande strafzaak in eerste aanleg tot straf veroordeeld wegens “medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder A van de Opiumwet gegeven verbod”. Bij dat vonnis heeft de rechtbank het binnenvaartschip verbeurd verklaard, omdat met behulp van dat schip het bewezen geachte is begaan. In hoger beroep is klaagster bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 29 maart 2012 vrijgesproken van het tenlastegelegde. Bij genoemd arrest is de teruggave van het schip gelast aan klaagster, vervolgens is het schip door de douane in beslag genomen. De rechtbank concludeert dat het binnenvaartschip geschikt was gemaakt om ongezien contrabande aan boord te brengen en dat het schip naar uiterlijke verschijningsvormen kan worden aangemerkt als een vervoermiddel, dat kennelijk is ingericht of toegerust om goederen aan het ambtelijk toezicht te onttrekken. Klacht ongegrond. Geen grond voor toekenning van een geldelijke tegemoetkoming aan klaagster. Het is evident dat klaagster door de inbeslagneming in haar vermogenspositie wordt getroffen. De vraag is echter of dit een onevenredige benadeling is. De rechtbank acht in dit verband met name de vraag van belang of klaagster met de mogelijkheid van inbeslagneming van het schip rekening had kunnen houden. Klaagster diende, onverlet het arrest van het gerechtshof te Amsterdam in klaagsters strafzaak, daarmee rekening te houden terwijl niet kan worden gezegd dat zij onevenredig in haar vermogen is getroffen door deze inbeslagneming.
Betrokken advocaten
Wolffs, advocaat, AMSTERDAM
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBZWB:2025:5901, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 03-09-2025, 02-008431-25
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBNNE:2025:3497, Rechtbank Noord-Nederland, 26-08-2025, 18-280271-24
Rechtbank Noord-Nederland · Strafrecht; Materieel Strafrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:3418, Rechtbank Amsterdam, 19-05-2025, 13/008547-25
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht; Materieel Strafrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:3705, Rechtbank Amsterdam, 17-01-2025, 13/271195-19 (verlenging PIJ)
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
13 november 2012
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
12/421
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBMID:2012:BY2949