Juristi.nl
ECLI:NL:RBMNE:2018:1639Bestuursrecht; Belastingrecht

ECLI:NL:RBMNE:2018:1639, Rechtbank Midden-Nederland, 12-04-2018, UTR 17/3151 — RBMNE:2018:1639

Samenvatting

Precariobelasting voor waterleidingnet. Het in 1988 gesloten Aandeelhoudersconvenant brengt voor verweerder niet een gedoogplicht met zich die aan heffing van precariobelasting in de weg staat. Betoog van eiseres dat het convenant niet rechtsgeldig is opgezegd behoeft daarom geen bespreking. Eiseres betoogt verder dat gemeente geen belang heeft bij de aanslag, nu artikel 5 van het convenant bepaalt dat de gemeente alle krachtens enige (toekomstige) gemeenteverordening geheven retributies aan eiseres dient terug te betalen. Dit betreft een twistpunt waar niet de belastingrechter maar de civiele rechter zich zo nodig een oordeel over moet vormen. Ten slotte is rechtbank van oordeel dat de aanslag moet worden gebaseerd op de gecorrigeerde opgave (metrage).

Betrokken advocaten

mr. P.M.L. Van der Schot-Schröder

eiser

Blauwborst advocatuur, LOOSDRECHT

mr. C. Presilli

eiser

Houthoff, ROTTERDAM

mr. T. Poelert

eiser

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

12 april 2018

Zaaknummer

UTR 17/3151

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBMNE:2018:1639

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBMNE:2026:1006
Rechtbank Midden-Nederland·17 maart 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
RBMNE:2026:998
Rechtbank Midden-Nederland·13 maart 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
RBMNE:2026:893
Rechtbank Midden-Nederland·6 maart 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
RBMNE:2026:1093
Rechtbank Midden-Nederland·6 maart 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht
RBMNE:2026:1091
Rechtbank Midden-Nederland·6 maart 2026
Bestuursrecht; Belastingrecht