ECLI:NL:RBMNE:2022:619, Rechtbank Midden-Nederland, 22-02-2022, 16.044613.21 (P) — RBMNE:2022:619
Samenvatting
Twee verdachten worden veroordeeld voor de overval op een pakketjesbezorger. Zij hebben het slachtoffer benaderd toen hij voorovergebogen in zijn kofferbak stond. Eén van de verdachten heeft het slachtoffer vervolgens in een nekklem vastgepakt, een pistool in zijn zij gedrukt en gezegd dat hij op zijn knieën moest gaan zitten. De andere verdachte is vervolgens achter het stuur van de auto van het slachtoffer gaan zitten. Daarna zijn beide verdachten met hoge snelheid weggereden. De verdachten zijn planmatig en gewiekst te werk gegaan. De dag vóór de beroving is een voorverkenning gedaan bij het postbedrijf vanuit waar het slachtoffer de volgende dag zou vertrekken. Op de dag van de overval stonden de verdachten vroeg in de ochtend klaar om het slachtoffer te achtervolgen en direct bij zijn eerste klant – op het moment dat alle pakketjes nog in de auto lagen – te overvallen. Bij de impact die een dergelijke gewelddadige beroving op de pakketbezorger zou hebben, hebben de verdachten niet stil gestaan. Zij hebben alleen aan hun eigen geldelijk gewin gedacht. De hebzucht overheerste. De rechtbank rekent de verdachten dit zwaar aan. Bovendien neemt de rechtbank de verdachten kwalijk dat zij met hun handelen hebben bijgedragen aan gevoelens van angst en onveiligheid in de maatschappij. De mannen worden veroordeeld tot gevangenisstraffen van 21 maanden en 15 maanden. Eén van de verdachten krijgt een hogere straf opgelegd, omdat hij al eerder een soortgelijk strafbaar feit had gepleegd en zelfs ten tijde van het plegen van het bewezenverklaarde op vrije voeten was in het kader van zijn voorwaardelijke invrijheidsstelling.
Betrokken advocaten
mr. A. Lobregt
verdachte
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBAMS:2026:1010, Rechtbank Amsterdam, 03-02-2026, 13/219514-25
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBMNE:2026:118, Rechtbank Midden-Nederland, 22-01-2026, 16.086485.24 (P)
Rechtbank Midden-Nederland · Strafrecht
ECLI:NL:RBMNE:2026:108, Rechtbank Midden-Nederland, 20-01-2026, 16.407008.24
Rechtbank Midden-Nederland · Strafrecht
ECLI:NL:RBMNE:2026:84, Rechtbank Midden-Nederland, 19-01-2026, 16/003211-25
Rechtbank Midden-Nederland · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
22 februari 2022
Instantie
Rechtbank Midden-NederlandRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
16.044613.21 (P)
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2022:619