Juristi.nl
ECLI:NL:RBMNE:2023:7807Strafrecht

ECLI:NL:RBMNE:2023:7807, Rechtbank Midden-Nederland, 10-08-2023, 16/265283-22 — RBMNE:2023:7807

Samenvatting

Er is geen sprake van een schending van het ne bis in idem-beginsel. De beslissing van de rechter-commissaris tot tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis vanwege het niet naleven van de in artikel 38v Sr bedoelde maatregel, is geen materiële einduitspraak in de zin van artikel 350-352 Sv. Het Openbaar Ministerie is dan ook ontvankelijk verklaard. De rechtbank acht het wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan belaging, door meermaals berichten over aangeefster op Facebook te plaatsen. De verdachte wordt volledig ontoerekeningsvatbaar verklaard en ontslagen van alle rechtsvervolging. Bij afzonderlijke beslissing is ten behoeve van de verdachte een zorgmachtiging verleend.

Betrokken advocaten

mr. W.F.J. Kramer

verdachte

Ausma Advocaten, UTRECHT

mr. S.C. van Bunnik

verdachte

Steller & van Bunnik Strafrecht, AMSTERDAM

mr. F.E. Leeman

verdachte

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

10 augustus 2023

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

16/265283-22

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBMNE:2023:7807

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBMNE:2026:1425
Rechtbank Midden-Nederland·9 april 2026
Strafrecht
RBMNE:2026:1423
Rechtbank Midden-Nederland·9 april 2026
Strafrecht
RBMNE:2026:1432
Rechtbank Midden-Nederland·9 april 2026
Strafrecht
RBMNE:2026:1407
Rechtbank Midden-Nederland·8 april 2026
Strafrecht
RBMNE:2026:1409
Rechtbank Midden-Nederland·8 april 2026
Strafrecht