Juristi.nl

Ziggo hoeft Sena niet te betalen voor muziek in tv-programma's — RBMNE:2024:4323

naburige rechten / vergoedingsplicht kabelexploitant voor synchronisaties (muziek in tv-programma's)

Eiser / verzoeker

Stichting ter Exploitatie van Naburige Rechten (Sena)

VS

Verweerder / gedaagde

Ziggo B.V.

De rechtbank oordeelt dat artikel 7 WNR geen vergoedingsplicht meer oplevert voor synchronisaties na het Atresmedia-arrest, maar dat artikel 2 WNR wél een grondslag biedt voor naburige rechten bij doorgifte; Ziggo heeft geen recht op terugbetaling van eerder betaalde vergoedingen.

  • Artikel 7 WNR biedt na het Atresmedia-arrest geen grondslag meer voor een vergoedingsplicht bij doorgifte van synchronisaties (combinaties van beeld en muziek).
  • Artikel 2 WNR geeft naburig rechthebbenden wél een uitsluitend recht op openbaarmaking dat ook bij synchronisaties van toepassing blijft.
  • Ziggo heeft geen recht op terugbetaling van de vergoedingen die zij tussen 2008 en 2022 op grond van de kaderovereenkomst heeft betaald.
  • De rechtbank wijst het verzoek af om prejudiciële vragen te stellen aan het Hof van Justitie EU, omdat het om uitleg van nationaal recht gaat.
  • Artikel 6 WNR biedt geen zelfstandige aanvullende grondslag voor een vergoedingsplicht bij doorgifte van synchronisaties.

Samenvatting

Ziggo hoeft geen vergoeding te betalen aan muziekrechtenorganisatie Sena voor het doorgeven van buitenlandse televisieprogramma's waarin muziek is verwerkt. Dat heeft de Rechtbank Midden-Nederland geoordeeld in een langlopend geschil over de interpretatie van naburige rechten na een Europees arrest uit 2020.

Sena int al jaren vergoedingen bij kabelexploitanten voor het uitzenden van televisie- en radioprogramma's waarin commerciële muziekopnamen zijn verwerkt, de zogeheten synchronisaties. Ziggo, de grootste kabelexploitant van Nederland met een marktaandeel van ongeveer 50%, betaalde jaarlijks zo'n 3,5 tot 4 miljoen euro aan Sena voor de doorgifte van programma's van buitenlandse omroepen. Maar naar aanleiding van een arrest van het Europese Hof van Justitie zegde Ziggo in 2021 de licentieovereenkomst op per 1 april 2022 en hield zij de betalingen stop.

Het Europese Hof van Justitie had in het zogeheten Atresmedia-arrest bepaald dat de vergoedingsplicht voor fonogrammen niet geldt wanneer muziek is gecombineerd met beeld. Na zo'n synchronisatie is er namelijk geen sprake meer van een puur fonogram, maar van een audiovisueel werk. Ziggo stelde dat daarmee de juridische grondslag voor de vergoeding was weggevallen.

Sena bestreed dit en voerde aan dat de Nederlandse wetgever altijd heeft bedoeld ook synchronisaties onder de vergoedingsplicht te laten vallen. Bovendien stelde Sena dat zelfs als artikel 7 van de Wet op de Naburige Rechten niet langer van toepassing zou zijn, er andere wettelijke bepalingen zijn — de artikelen 2 en 6 van diezelfde wet — die een vergoedingsplicht in het leven roepen via het uitsluitende recht van naburig rechthebbenden.

De rechtbank volgt Sena niet in haar primaire standpunt. Het reproductiebegrip in artikel 7 van de Nederlandse wet valt onder de werking van het Atresmedia-arrest. Omdat de wetgever zich nooit expliciet heeft uitgelaten over synchronisaties, en omdat richtlijnconforme uitleg van de Nederlandse wet voorschrijft dat de wet in lijn moet worden gelezen met de Europese uitleg, concludeert de rechtbank dat artikel 7 geen vergoedingsplicht oplevert voor het uitzenden van synchronisaties.

Wel geeft de rechtbank Sena op een ander punt gedeeltelijk gelijk. De rechtbank oordeelt dat artikel 2 van de Wet op de Naburige Rechten — dat een uitsluitend recht geeft aan producenten van fonogrammen op het openbaar maken van hun opnamen — wél van toepassing kan zijn bij de doorgifte van synchronisaties. Dat uitsluitende recht is niet weggevallen door het Atresmedia-arrest. Via dat artikel kunnen naburig rechthebbenden in beginsel aanspraak maken op een vergoeding of zelfs doorgifte verbieden, tenzij daarvoor toestemming is verleend of een andere wettelijke grondslag bestaat. Artikel 6 WNR levert naar het oordeel van de rechtbank echter geen zelfstandige aanvullende grondslag op.

De vordering van Sena om Ziggo te veroordelen de doorgifte te staken of een nieuwe overeenkomst te sluiten, en om Ziggo te verplichten te betalen voor de periode vanaf 1 april 2022, wordt slechts gedeeltelijk gehonoreerd — voor zover die vordering stoelt op artikel 2 WNR. Het verzoek van Sena om nieuwe prejudiciële vragen te stellen aan het Europese Hof wees de rechtbank af, omdat de zaak draait om de uitleg van Nederlands recht door de nationale rechter, niet om verdere uitleg van Europees recht.

Ziggo's stelling dat de vergoedingen die zij tussen 2008 en 2022 betaalde onverschuldigd waren en teruggevorderd kunnen worden, wordt door de rechtbank niet gehonoreerd. De rechtbank verklaart voor recht dat Ziggo geen aanspraak heeft op terugbetaling van de in die periode betaalde vergoedingen. Per saldo wint Ziggo de hoofdstrijd: zij is niet langer verplicht een vergoeding te betalen op grond van artikel 7 WNR, maar moet via artikel 2 WNR alsnog onderhandelen over toestemming voor de doorgifte van synchronisaties.

Betrokken advocaten

mr. I.M.C.A. Reinders Folmer

eiser

Reinders Folmer, AMSTERDAM

mr. D.J.G. Visser

eiser

Visser Schaap & Kreijger, AMSTERDAM

mr. P.J. Kreijger

eiser

Visser Schaap & Kreijger, AMSTERDAM

mr. S.C. van Loon

verweerder

Kennedy Van der Laan, AMSTERDAM

mr. M.R.S. Bacon

verweerder

Kennedy Van der Laan, AMSTERDAM

mr. E.A. Groen

verweerder

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

24 juli 2024

Zaaknummer

557234

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBMNE:2024:4323

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBMNE:2026:558
Rechtbank Midden-Nederland·4 maart 2026
Civiel Recht; Intellectueel-eigendomsrecht
RBMNE:2025:5837
Rechtbank Midden-Nederland·12 november 2025
Civiel Recht; Intellectueel-eigendomsrecht
RBMNE:2025:5464
Rechtbank Midden-Nederland·21 oktober 2025
Civiel Recht; Intellectueel-eigendomsrecht
RBMNE:2025:5321
Rechtbank Midden-Nederland·1 oktober 2025
Civiel Recht; Intellectueel-eigendomsrecht
RBMNE:2025:5031
Rechtbank Midden-Nederland·16 september 2025
Civiel Recht; Intellectueel-eigendomsrecht