Juristi.nl
ECLI:NL:RBMNE:2026:1270Strafrecht

Utrechtse man veroordeeld voor rol als tussenpersoon bij woningoverval Leerdam — RBMNE:2026:1270

woningoverval / medeplegen diefstal met geweld en vrijheidsberoving

Eiser / verzoeker

Officier van justitie (Openbaar Ministerie)

VS

Verweerder / gedaagde

Verdachte

Verdachte veroordeeld voor medeplegen van diefstal met geweld en wederrechtelijke vrijheidsberoving tot 30 maanden gevangenisstraf (waarvan 10 voorwaardelijk), vrijgesproken van afpersing.

  • Verdachte stelde zijn auto beschikbaar en regelde de chauffeur voor het transport van de overvallers, wat als medeplegen werd gekwalificeerd
  • Actieve betrokkenheid bleek uit chatberichten: verdachte monitorde de voortgang, vroeg naar de buit en coördineerde tussen medeverdachten
  • Voorwaardelijk opzet aangenomen: verdachte vroeg zelf of er 'een groot risico' achter zat en aanvaardde de aanmerkelijke kans op een geweldsmisdrijf
  • Vrijspraak voor afpersing (feit 2) conform vordering officier van justitie; veroordeling voor diefstal met geweld en vrijheidsberoving
  • Naast nieuwe veroordeling ook tenuitvoerlegging van eerder voorwaardelijk opgelegde straf bevolen

Samenvatting

Op 25 juli 2025 werd een bewoner in Leerdam in zijn eigen woning overvallen. Een van de overvallers drong de woning binnen met een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, bond de bewoner meerdere keren vast en verliet de woning weer. De directe dader, medeverdachte [medeverdachte 1], bekende zijn rol. Maar de rechtbank onderzocht ook de rol van een verdachte die zelf niet in de woning was, maar volgens het OM een cruciale schakel vormde in de organisatie van de overval.

De verdachte werd via een keten van bekenden benaderd met de vraag of hij een chauffeur kon regelen die die middag twee personen zou ophalen in Gorinchem. Hij regelde niet alleen een chauffeur — een vriend van hem — maar stelde ook zijn eigen auto beschikbaar. Vervolgens fungeerde hij als tussenpersoon: hij ontving instructies over de locatie, gaf die door aan de chauffeur en onderhield gedurende de hele middag en avond actief contact met zowel de chauffeur als zijn opdrachtgever.

Uit de telefoons van de verdachte en zijn medeverdachten kwamen uitvoerige chatgesprekken naar voren. Daaruit bleek dat de verdachte de chauffeur vroeg om hem direct te bellen zodra hij terugreed, dat hij navraag deed of 'zijn mannetje' geld had meegekregen, en dat hij na afloop begreep dat de buit 'al weg' was. Zijn eigen woorden — 'dus alles is voor saus geweest' en 'chauffeur zegt gingen met lege tassen naar binnen kwamen met volle naar buiten' — lieten weinig ruimte voor twijfel over wat hij dacht dat er was gebeurd.

De verdediging betoogde dat de verdachte geen opzet had op de misdrijven, ook niet in voorwaardelijke zin. Zijn handelingen — het beschikbaar stellen van zijn auto, het doorgeven van een 'klus' en het onderhouden van contact — zouden niet als medeplegen of medeplichtigheid gekwalificeerd kunnen worden. Ook stelde de advocaat dat er slechts sprake was van een poging, niet van voltooide delicten.

De rechtbank volgde dit verweer niet. Op grond van de bewijsmiddelen oordeelde zij dat de verdachte wel degelijk een bewuste en nauwe samenwerking aanging met de medeverdachten. Hij wist dat er iets crimineels zou gaan gebeuren — de vraag vooraf of 'hier niet een heel groot risico achter zit', gecombineerd met het antwoord dat het '9 van de 10 keer wel goed gaat', toonde dat aan. Door desondanks zijn auto beschikbaar te stellen, de chauffeur te regelen en actief de voortgang te monitoren, nam hij een wezenlijk aandeel in de uitvoering. Dat hij zelf niet aanwezig was bij de overval deed daar niet aan af.

De rechtbank sprak de verdachte vrij van afpersing (feit 2), zoals ook de officier van justitie had gevorderd. Voor de woningoverval (diefstal met geweld, als medepleger) en de wederrechtelijke vrijheidsberoving van het slachtoffer werd hij wel veroordeeld. Naast de straf voor de nieuwe feiten beval de rechtbank ook de tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde straf. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 30 maanden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk.

Betrokken advocaten

mr. A.D. Renshof

verdachte

Hendriksen & M�hren Strafrecht Advocaten, HOORN NH

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

31 maart 2026

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

16.220206.25; 15.275823.23 (vord. tul);

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBMNE:2026:1270

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken