Juristi.nl
ECLI:NL:RBMNE:2026:1280Strafrecht

Jongeman veroordeeld als chauffeur bij gewapende woningoverval in Leerdam — RBMNE:2026:1280

medeplichtigheid aan gewapende woningoverval en vrijheidsberoving

Eiser / verzoeker

Officier van justitie (mr. F.B. Koolhof)

VS

Verweerder / gedaagde

Verdachte (geboren 2003)

Verdachte veroordeeld voor medeplichtigheid aan diefstal met geweld en wederrechtelijke vrijheidsberoving; vrijgesproken van afpersing.

  • Verdachte fungeerde als chauffeur bij een gewapende woningoverval in Leerdam en parkeerde de auto pal voor de voordeur van het slachtoffer.
  • Rechtbank acht medeplichtigheid bewezen: verdachte verleende bewuste hulp door de overvaller op te halen, te brengen en te wachten tijdens de overval.
  • Vrijspraak voor (medeplichtigheid aan) afpersing, conform de vordering van de officier van justitie.
  • Verklaring van het slachtoffer over gestolen goederen acht de rechtbank betrouwbaar, mede ondersteund door wijziging van het IMEI-nummer van zijn telefoon.
  • Verweer van de verdachte dat hij niet wist van de overval wordt verworpen op basis van de chatberichten en zijn concrete handelingen.

Samenvatting

Op 25 juli 2025 werd een oudere man in zijn woning aan de straat in Leerdam overvallen door een man met een vuurwapen. Die overvaller bond het slachtoffer vast en nam spullen mee uit de woning. Een van zijn medeverdachten had hem naar het huis gereden en wachtte buiten in de auto tot de overval voorbij was.

De verdachte, een jongeman geboren in 2003, werd door zijn medeverdachte gevraagd om die dag een 'klusje' te doen: twee personen ophalen en wegbrengen met een auto die hem ter beschikking werd gesteld. Hij reed naar een bushalte in Gorinchem, pakte twee mannen op en reed hen naar Leerdam. Voor de woning van het slachtoffer parkeerde hij zijn auto op de stoep, vlak voor de voordeur. Een van de twee mannen — later geïdentificeerd als de hoofdverdachte van de overval — stapte de woning in op het moment dat het slachtoffer thuiskwam. De andere man verdween, en de verdachte bleef alleen in de auto wachten.

Tijdens het wachten hield de verdachte zijn opdrachtgever via berichten op de hoogte. Hij had de knipperlichten aan en liet de portier openstaan. Ruim drie kwartier later kwam de overvaller weer naar buiten en stapte opnieuw in. De verdachte reed vervolgens terug naar Gorinchem en daarna naar huis. Zijn opdrachtgever berichtte intussen een andere betrokkene dat 'zijn mannetje weer onderweg is'.

De rechtbank oordeelt dat de verdachte weliswaar niet zelf de woning is binnengegaan, maar dat hij bewust hulp heeft verleend aan de overval. Hij wist dat er iets niet pluis was: hij ontving cryptische instructies over een 'anti gozer met dreads', reed doelbewust naar een specifiek adres, parkeerde pal voor de voordeur en wachtte terwijl de overval plaatsvond. Bovendien kreeg hij tijdens het wachten van zijn opdrachtgever een contactpersoon doorgestuurd 'voor geval van nood', wat de rechtbank veelzeggend vindt.

De rechtbank verwerpt het verweer van de verdachte dat hij niet wist wat er zou gebeuren. Zijn handelingen — het ophalen, brengen, wachten en terugrijden — vormden een wezenlijke bijdrage aan zowel de gewapende diefstal als de vrijheidsberoving van het slachtoffer. Dat hij niet de dader was die het vuurwapen hanteerde, maakt hem volgens de rechtbank medeplichtig maar niet medeplegers.

Het slachtoffer had zijn telefoon verloren bij de overval; de rechtbank ziet hiervoor steun in het feit dat het IMEI-nummer van zijn telefoonnummer de dag erna werd gewijzigd. Ook verklaarde het slachtoffer consistent over wat er was meegenomen, ondanks zijn geëmotioneerde toestand tijdens de aangifte.

De rechtbank spreekt de verdachte vrij van afpersing maar veroordeelt hem voor medeplichtigheid aan diefstal met geweld en medeplichtigheid aan wederrechtelijke vrijheidsberoving. De verdachte kreeg een gevangenisstraf opgelegd, waarvan het vonnis op 31 maart 2026 werd uitgesproken.

Betrokken advocaten

mr. H. Brentjes

verdachte

Van Schaik Van Elst Van Dam Advocaten, UTRECHT

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

31 maart 2026

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

16.219967.25

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBMNE:2026:1280

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken