Juristi.nl

ECLI:NL:RBMNE:2026:728, Rechtbank Midden-Nederland, 04-02-2026, C/16/559209 / HL ZA 23-194 — RBMNE:2026:728

Samenvatting

Eiseres meent dat haar broer (een van de gedaagden) het beheer over het vermogen van hun ouders en met name moeder heeft gehad en dat hij in dat verband onrechtmatig geld aan dat vermogen heeft onttrokken. Dat de broer het beheer over dit vermogen heeft gehad kan de rechtbank echter niet vaststellen. Hij heeft voldoende onderbouwd dat ouders hem instructies gaven om de door eiseres genoemde betalingen aan hem of zijn vennootschappen te verrichten en dat het daarbij ging om kosten van ouders zelf. Vordering om de broer en zijn vennootschappen te veroordelen om bedragen aan de nalatenschap terug te betalen wordt om deze reden afgewezen. Wel heeft moeder giften gedaan die niet gebruikelijk waren en bij de berekening van de legitieme portie van eiseres daarom in aanmerking moeten worden genomen.

Betrokken advocaten

mr. P.G. Knoppers

eiser

SmeetsGijbels, AMSTERDAM

mr. C.W. van Weert

eiser

Schuth & Koelemaij advocaten en belastingadviseurs, ASSEN

mr. M.J.W. Hoek

gedaagde

Wille Donker advocaten, BODEGRAVEN

mr. R. Swager

gedaagde

SmeetsGijbels, AMSTERDAM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

4 februari 2026

Zaaknummer

C/16/559209 / HL ZA 23-194

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBMNE:2026:728

Bekijk op rechtspraak.nl