ECLI:NL:RBMNE:2026:932, Rechtbank Midden-Nederland, 10-03-2026, 16/379431-24; 16/319181-24; (gev. ttz); 16/229767-25 (gev. ttz); 16/103148-24 (vord. TUL) — RBMNE:2026:932
Samenvatting
De officier van justitie heeft drie zaken tegen de verdachte bij de rechtbank aangebracht. In zaak A (overval op een cafetaria te Hooglanderveen) wordt de verdachte vrijgesproken van de aan hem ten laste gelegde diefstal met geweld. In zaak B (woningoverval te Leusden) wordt de verdachte vrijgesproken van de ten laste gelegde poging tot doodslag (feit 1) en bedreiging (feit 2). Bij beide feiten staat het gebruik van een vuurwapen centraal. De rechtbank kan uit het dossier niet afleiden dat de verdachte het vuurwapen meegenomen of gebruikt heeft. De rechtbank kan ook niet vaststellen of de verdachte ervan op de hoogte was dat een van zijn medeverdachten een vuurwapen naar de woning meenam. Daarom kan ieder geval daaruit niet worden afgeleid dat de verdachte (voorwaardelijk) opzet had op de dood, op het bedreigen met de dood of op het bedreigen met zwaar lichamelijk letsel. Het dossier bevat ook geen ander bewijs waaruit dit (voorwaardelijk) opzet op de dood of de bedreiging van de aangever duidelijk wordt. De rechtbank acht feit 3 primair, het medeplegen van diefstal met geweld, wel wettig en overtuigend bewezen. In zaak C acht de rechtbank het bezit van een boksbeugel wettig en overtuigend bewezen. Aan de verdachte wordt een jeugddetentie van 180 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan 101 dagen voorwaardelijk opgelegd. Aan het voorwaardelijk deel van de jeugddetentie zijn bijzondere voorwaarden gekoppeld, zoals jeugdreclasseringstoezicht. Daarnaast is een gedragsbeïnvloedende maatregel (GBM) voor de duur van twaalf maanden opgelegd. Verdachte is inmiddels begonnen aan de benodigde behandeling en de rechtbank onderschrijft dat een GBM helpend kan zijn om te verzekeren dat hij aan deze behandeling mee blijft werken. De vordering van de benadeelde partij (zaak B) wordt gedeeltelijk toegewezen en gedeeltelijk niet-ontvankelijk verklaard.
Betrokken advocaten
mr. M.M.L. Kalsbeek
verdachte
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2025:3394, Raad van State, 23-07-2025, 202304978/1/R1
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:GHAMS:2024:2074, Gerechtshof Amsterdam, 23-07-2024, 200.329.022/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2024:1889, Gerechtshof Amsterdam, 09-07-2024, 200.329.022/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBMNE:2023:5502, Rechtbank Midden-Nederland, 18-10-2023, UTR 23/3535
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
10 maart 2026
Instantie
Rechtbank Midden-NederlandRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
16/379431-24; 16/319181-24; (gev. ttz); 16/229767-25 (gev. ttz); 16/103148-24 (vord. TUL)
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2026:932