ECLI:NL:RBNHO:2023:10098, Rechtbank Noord-Holland, 11-10-2023, 10561019 AO23-77 — RBNHO:2023:10098
Samenvatting
Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van de transitievergoeding omdat de arbeidsovereenkomst na een einde van rechtswege op initiatief van de werkgever niet aansluitend is voortgezet. De verzochte verklaring voor recht dat werkgever de studieschuld niet op werknemer kan verhalen wordt eveneens toegewezen. Werkgever is bij de eindafrekening ten onrechte overgegaan tot verrekening van de studiekosten met de aan werknemer toekomende betalingen.
Betrokken advocaten
mr. M.H.J. Prov
eiser
mr. J.P. Dikker De
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:1900, Gerechtshof Amsterdam, 22-07-2025, 200.351.179/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBMNE:2025:3108, Rechtbank Midden-Nederland, 27-06-2025, 11611776 UE VERZ 25-82
Rechtbank Midden-Nederland · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBAMS:2024:6547, Rechtbank Amsterdam, 29-10-2024, 11238753 \ KK EXPL 24-534
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBNHO:2024:8684, Rechtbank Noord-Holland, 23-08-2024, 11178488 \ AO VERZ 24-82
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Arbeidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
11 oktober 2023
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel Recht; ArbeidsrechtZaaknummer
10561019 AO23-77
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2023:10098