ECLI:NL:RBNHO:2023:12068, Rechtbank Noord-Holland, 28-11-2023, C/15/345248 / KG ZA 23-586 — RBNHO:2023:12068
Samenvatting
Voortzetting van de exploitatie van reeds gesloten vestigingen onder raamhuurovereenkomst wordt afgewezen. Geoordeeld wordt dat voorshands op basis van overgelegde cijfers voldoende aannemelijk is geworden dat bij de exploitatie van deze vestigingen dermate substantiële verliezen worden geleden, dat het voortzetten van de exploitatie offers vraagt van huurster die, alle omstandigheden in aanmerking nemend, in redelijkheid niet van haar gevergd kunnen worden. Daarbij speelt mee dat ook voldoende is onderbouwd dat ook de exploitatie van alle vestigingen gezamenlijk zwaar verliesgevend is en dat uit de prognoses blijkt dat hierin op korte termijn geen verandering te verwachten is. De verplichting tot doorbetalen van huur wordt wel toegewezen.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:1959, Gerechtshof Amsterdam, 21-07-2025, 200.356.905
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBNHO:2023:6355, Rechtbank Noord-Holland, 12-07-2023, C/15/332570 / HA RK 22-162
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBROT:2022:6465, Rechtbank Rotterdam, 13-07-2022, C/10/638288 / KG ZA 22-380
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBGEL:2022:2658, Rechtbank Gelderland, 25-05-2022, C/05/402177 / KG ZA 22-103
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
28 november 2023
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel Recht; VerbintenissenrechtZaaknummer
C/15/345248 / KG ZA 23-586
Procedure
Kort geding
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2023:12068