ECLI:NL:RBNHO:2023:1353, Rechtbank Noord-Holland, 17-02-2023, 335743 — RBNHO:2023:1353
Samenvatting
Fashion c.s. vorderen opheffing van de door Holding gelegde conservatoire (bank)beslagen. De voorzieningenrechter wijst die vordering af, omdat van de ondeugdelijkheid van de vordering van Holding niet summierlijk is gebleken. Holding vordert betaling van (een deel van) de variabele koopprijs, die zij met Fashion is overeengekomen voor de koop van aandelen in McGregor IP B.V. en waarvoor eiser2 zich borg heeft gesteld. In de koopovereenkomst staat dat de variabele koopprijs verschuldigd is indien Holding binnen een periode van 18 maanden zorg heeft gedragen voor de registratie van de merken “McGregor” en “McG” voor waren in, onder meer, de klassen 14 en 24. Vast staat dat merkregistraties voor deze klassen in 2004 hebben plaatsgevonden. Fashion c.s. hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de variabele koopprijs alleen verschuldigd is als na de koopovereenkomst nieuwe merkregistraties zijn gedaan. De schending van de substantiëringsplicht in het beslagrekest weegt in dit geval onvoldoende zwaar om desondanks de opheffing van de beslagen te rechtvaardigen.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2024:502, Gerechtshof Amsterdam, 05-03-2024, 200.310.169/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBNHO:2023:3748, Rechtbank Noord-Holland, 26-04-2023, 333356
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHAMS:2021:4041, Gerechtshof Amsterdam, 21-12-2021, 200.258.943/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2019:3898, Gerechtshof Amsterdam, 29-10-2019, 200.264.551/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
17 februari 2023
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
335743
Procedure
Kort geding
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2023:1353