ECLI:NL:RBNHO:2024:11051, Rechtbank Noord-Holland, 03-10-2024, 15/183841-24 — RBNHO:2024:11051
Samenvatting
De verdachte heeft brand gesticht in zijn huurwoning. Door brand te stichten heeft de verdachte schade aangericht aan de woning. Daarnaast is ook gevaar voor belendende woningen te duchten geweest, alsmede levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor de in die woning aanwezige personen. De rechtbank acht het in zowel het belang van de verdachte als de maatschappij noodzakelijk dat de verdachte zijn huidige behandeling en verblijf bij de kliniek kan voortzetten en onder de nodige zorg en begeleiding kan toewerken naar een verblijf in een beschermde woonvorm. Oplegging van een straf waarbij het onvoorwaardelijk deel langer is dan de tijd die de verdachte al in voorarrest heeft doorgebracht, acht de rechtbank dan ook onwenselijk.
Betrokken advocaten
mr. B. Rademacher
verdachte
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNHO:2025:15742, Rechtbank Noord-Holland, 09-12-2025, 15/044956-23
Rechtbank Noord-Holland · Strafrecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:10475, Rechtbank Noord-Holland, 28-08-2025, 15/347466-24
Rechtbank Noord-Holland · Strafrecht
ECLI:NL:RBNNE:2025:3070, Rechtbank Noord-Nederland, 25-07-2025, 18/091977-23
Rechtbank Noord-Nederland · Strafrecht; Materieel Strafrecht
ECLI:NL:RBNNE:2025:3067, Rechtbank Noord-Nederland, 25-07-2025, 18/093091-23
Rechtbank Noord-Nederland · Strafrecht; Materieel Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
3 oktober 2024
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
15/183841-24
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2024:11051