ECLI:NL:RBNHO:2025:10210, Rechtbank Noord-Holland, 21-08-2025, 11291606 \ CV EXPL 24-2419 — RBNHO:2025:10210
Samenvatting
Een verhuurder vordert ontruiming van een woning waarin een handelshoeveelheid drugs is aangetroffen. De huurder vindt dit onterecht omdat haar zoon hiervoor verantwoordelijk is en zij hier niets van wist en niets mee te maken had. Volgens de huurder moet haar belang bij behoud van de woning zwaarder wegen dan dat van de verhuurder bij ontruiming. De kantonrechter wijst de vordering toe omdat de huurder kan worden verweten dat zij onvoldoende toezicht heeft gehouden op wat de zoon in de woning deed. De verhuurder mocht gebruik maken van haar wettelijke bevoegdheid tot buitengerechtelijke ontbinding van de huurovereenkomst. De individuele belangen van de huurder zijn in dit geval niet zwaarwegend genoeg om daarop een uitzondering te maken. Wel ziet de kantonrechter aanleiding de huurder een langere ontruimingstermijn te geven, namelijk zes maanden.
Betrokken advocaten
mr. C.J.P. Liefting
gedaagde
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2026:296, Gerechtshof Amsterdam, 27-01-2026, 200.332.931
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBMNE:2025:7028, Rechtbank Midden-Nederland, 16-12-2025, 11967607 \ UV EXPL 25-289 VL/58599
Rechtbank Midden-Nederland · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2025:3320, Gerechtshof Amsterdam, 16-12-2025, 200.353.973
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBNHO:2025:14498, Rechtbank Noord-Holland, 09-12-2025, C/15/ 371944 / HA RK 25/180
Rechtbank Noord-Holland · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
21 augustus 2025
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
11291606 \ CV EXPL 24-2419
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2025:10210