ECLI:NL:RBNHO:2025:12128, Rechtbank Noord-Holland, 24-10-2025, HAA 25/3841 — RBNHO:2025:12128
Samenvatting
Wet open overheid. Beroep niet tijdig. Hoewel de minister gehouden is rechterlijke uitspraken na te leven is in dit geval sprake van een bijzonder geval. De rechtbank neemt aan dat deze omvangrijke en bewerkelijke verzoeken een extreem lastige opgave opleveren in het kader van de Wet open overheid. Bovendien is de minister niet eerder geconfronteerd met zoveel verzoeken als na de coronapandemie. De rechtbank is niet gebleken van een verwijtbaar stilzitten door de minister bij beoordeling van het onderhavig verzoek. De rechtbank stelt de termijn waarbinnen het bestuursorgaan alsnog een besluit bekendmaakt op 20 januari 2026.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:1362, Raad van State, 11-03-2026, 202501627/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:4210, Raad van State, 03-09-2025, 202306164/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:3235, Raad van State, 16-07-2025, 202401186/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:4135, Rechtbank Noord-Holland, 17-04-2025, AWB - 23 _7517
Rechtbank Noord-Holland · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
24 oktober 2025
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Bestuursrecht; BestuursprocesrechtZaaknummer
HAA 25/3841
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2025:12128