ECLI:NL:RBNHO:2025:1596, Rechtbank Noord-Holland, 19-02-2025, C/15/342099 / HA ZA 23-402 — RBNHO:2025:1596
Samenvatting
Eiser en gedaagde hebben samengewerkt. Eiser vordert gedaagde te veroordelen een bedrag aan eiser te betalen voor kosten die voor die samenwerking zijn gemaakt. Gedaagde zegt dat eiser daarvoor juist nog geld aan hem moet betalen. Hij stelt ook andere tegenvorderingen in. Zo vraagt hij voor recht te verklaren dat eiser hem een vergoeding moet betalen omdat eiser door hem aangebrachte klanten heeft overgenomen zonder daarvoor te betalen en weigert om die terug te geven. De rechtbank oordeelt dat gedaagde aan eiser een bedrag moet betalen voor de kosten van de samenwerking, maar verklaart ook dat eiser gehouden is de waarde van de klanten zoals die was ten tijde van het einde van de samenwerking aan gedaagde te vergoeden. Omdat die waarde niet kan worden vastgesteld wordt daarvoor verwezen naar de schadestaatprocedure.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHDHA:2025:1214, Gerechtshof Den Haag, 08-07-2025, 200.346.390/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBNHO:2024:9773, Rechtbank Noord-Holland, 18-09-2024, C/15/342099 / HA ZA 23-402
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBAMS:2024:4973, Rechtbank Amsterdam, 29-07-2024, C/13/753275 / KG ZA 24-582
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBAMS:2023:7073, Rechtbank Amsterdam, 10-11-2023, 10528246 \ CV EXPL 23-7707
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
19 februari 2025
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel Recht; VerbintenissenrechtZaaknummer
C/15/342099 / HA ZA 23-402
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2025:1596