ECLI:NL:RBNHO:2025:3147, Rechtbank Noord-Holland, 25-03-2025, 355620 — RBNHO:2025:3147
Samenvatting
Na beëindiging van de affectieve relatie vordert de vrouw verdeling van een aantal gemeenschappelijke zaken. Aanvankelijk ging het ook om het gebruik van de gemeenschappdelijke woning. Vóór de mondelinge behandeling is de woning echter verkocht. Partijen hebben vervolgens meegedeeld dat de zaak “op de stukken” kan worden afgedaan. De rechtbank doet nog uitspraak over (onder meer) de verdeling van twee auto’s en de opheffing van gezamenlijke bankrekeningen.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNHO:2026:2319, Rechtbank Noord-Holland, 11-03-2026, 363146
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBNHO:2026:2141, Rechtbank Noord-Holland, 04-03-2026, 367399
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBNHO:2026:1864, Rechtbank Noord-Holland, 04-03-2026, C/15/366514
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBNHO:2026:1863, Rechtbank Noord-Holland, 04-03-2026, C/15/366515
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
25 maart 2025
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
Civiel Recht; GoederenrechtZaaknummer
355620
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2025:3147