ECLI:NL:RBNNE:2023:4941, Rechtbank Noord-Nederland, 08-11-2023, LEE 22/4274 — RBNNE:2023:4941
Samenvatting
Mijnbouwschade. Immateriële schade. Beroep gegrond. Het door het Instituut gehanteerde puntensysteem om de schade te begroten is passend om in een groot aantal zaken de immateriële schade te beoordelen. Het Instituut heeft genoegzaam gemotiveerd waarom de methode van het Hof niet is toegepast. Het is in het belang van diegenen die door de mijnbouwactiviteiten in hun persoon zijn aangetast, dat hun immaterieel geleden schade binnen afzienbare termijn wordt begroot en uitgekeerd. Een methode die én grote aantallen kan verwerken én middels bouwstenen rekening houdt met locatie, veiligheid, fysieke schade, schadeafhandeling en (middels een PIA met) het ervaren leed is daartoe een geschikte en passende methode. De rechtbank ziet geen aanleiding om over te gaan tot aanpassing van de methode op dit punt. Het Instituut heeft echter onvoldoende rekening gehouden met eisers specifieke situatie. De rechtbank acht het onder de gegeven omstandigheden niet redelijk en aanvaardbaar dat met de door eiser geuite zorgen over de fundering geen rekening is gehouden bij bouwsteen 2. De impact die zorgen over de constructie van de woning in bevingsgebied op eiser heeft gehad komt onvoldoende tot zijn recht als bij bouwsteen 2 enkel wordt gekeken naar de vraag of de woning onderdeel is (geweest) van de versterkingsoperatie van de NCG of door het Instituut een acuut onveilige situatie is vastgesteld in de periode dat de aanvrager op dit adres woonachtig was. Vorenstaande kan niet worden ondervangen door bij bouwsteen 3 het bedrag aan fysieke schade mee te tellen, noch door een punt toe te kennen bij de bouwsteen locatie. De zorgen die iemand heeft over hoe een huis zich houdt bij toekomstige bevingen laat zich niet zomaar vertalen in de omvang van de vergoeding voor fysieke schade of de locatie van de woning. Dat niet in een adviesrapport is geconcludeerd dat er sprake is van schade aan de fundering of bepaalde schade is veroorzaakt door mijnbouw, maakt dit niet anders. Ook een niet door mijnbouw veroorzaakt funderingsprobleem of de zorg dat vanwege scheuren die zichtbaar doorlopen tot in ieder geval het maaiveld een dergelijk probleem speelt kan zonder uitgekeerde schadevergoeding wel degelijk stress en onzekerheid geven aan iemand die in een gebied woont waar zich aardbevingen voordoen. Dat dat hier het geval is blijkt uit concrete, door eiser ondernomen, acties. De subjectieve beleving is voldoende geobjectiveerd.
Betrokken advocaten
mr. M. Schouten
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:17234, Rechtbank Den Haag, 18-09-2025, NL25.38486
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBGEL:2025:2057, Rechtbank Gelderland, 18-03-2025, C/05/437094 / HA ZA 24-306
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht
ECLI:NL:GHARL:2025:842, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 11-02-2025, 200.340.202/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht
ECLI:NL:RBZWB:2024:6193, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 04-09-2024, C/02/414164 / HA ZA 23-492
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
8 november 2023
Instantie
Rechtbank Noord-NederlandRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
LEE 22/4274
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2023:4941