ECLI:NL:RBNNE:2024:2247, Rechtbank Noord-Nederland, 07-06-2024, LEE 23/4299 — RBNNE:2024:2247
Samenvatting
AW. Disciplinaire straf van onvoorwaardelijk ontslag. De korpschef was bevoegd om onvoorwaardelijk strafontslag aan eiser op te leggen wegens ernstig plichtsverzuim. Het onderzoek door VIK is zorgvuldig geweest. Eiser heeft de aan hem verweten gedragingen begaan en zijn ex-partner emotionele en psychische schade toegebracht. De rechtbank is van oordeel dat de korpschef op grond van de bij zijn onderzoek verkregen gegevens terecht de overtuiging heeft gekregen dat eiser zich aan de verweten gedragingen schuldig heeft gemaakt. Hij heeft de gedragingen terecht als ernstig plichtsverzuim aangemerkt. Het plichtsverzuim kan aan eiser worden toegerekend. Het onvoorwaardelijk strafontslag is evenredig. De korpschef heeft het belang van een integere politieorganisatie zwaarder mogen laten wegen dan het persoonlijk belang van eisers. Aan bespreking van de subsidiaire ontslaggrond wordt niet meer toegekomen. Het beroep is ongegrond.
Betrokken advocaten
mr. J. Roose
eiser
mr. H.J. de Wit
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBMNE:2025:5774, Rechtbank Midden-Nederland, 29-10-2025, 11609144
Rechtbank Midden-Nederland · Civiel Recht
ECLI:NL:CRVB:2025:1552, Centrale Raad van Beroep, 16-10-2025, 24/1830 WLZ
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RVS:2025:3405, Raad van State, 23-07-2025, 202304876/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:11701, Rechtbank Den Haag, 22-07-2025, 11459705 \ RL EXPL 24-24040
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Arbeidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
7 juni 2024
Instantie
Rechtbank Noord-NederlandRechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
LEE 23/4299
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2024:2247