ECLI:NL:RBNNE:2026:593, Rechtbank Noord-Nederland, 12-02-2026, LEE24/4550 — RBNNE:2026:593
Samenvatting
Mijnbouwschade. Naar het oordeel van de rechtbank heeft het Instituut niet inzichtelijk gemaakt dat de verzakkingsschade niet het gevolg is geweest van een onvoldoende draagkrachtige fundering. Het Instituut had in het kader van de vaststelling van de omvang van de schade tevens moeten toetsen of plaats is voor een ruime toerekening naar billijkheid voor zover het betreft de aanpassing van de fundering. Niet is gebleken dat is uitgegaan van een ruime toerekening, zoals in gevallen als deze, mede gezien de specifieke omstandigheden, passend is. Het beroep is gegrond.
Betrokken advocaten
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2025:5683, Raad van State, 03-12-2025, 202303955/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBNNE:2025:3612, Rechtbank Noord-Nederland, 02-09-2025, LEE 24/1522
Rechtbank Noord-Nederland · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBNNE:2025:3420, Rechtbank Noord-Nederland, 20-08-2025, LEE 25/2892
Rechtbank Noord-Nederland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RVS:2025:2947, Raad van State, 02-07-2025, 202302492/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
12 februari 2026
Instantie
Rechtbank Noord-NederlandRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
LEE24/4550
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2026:593