ECLI:NL:RBOBR:2024:3326, Rechtbank Oost-Brabant, 26-06-2024, C-01-401638 - HA ZA 24-140 — RBOBR:2024:3326
Samenvatting
Incident, tussenvonnis. Rechtbank komt nog niet toe aan de beoordeling van het incident. Eisende partij moet eerst nader toelichting wat de juridische grondslag is van de vorderingen in de hoofdzaak. De rechtbank kan nu niet uitsluiten dat het om een huurzaak gaat. In dat geval is de kantonrechter bevoegd.
Betrokken advocaten
mr. C.J. Driessen
gedaagde
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CBB:2026:53, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 22-01-2026, 26/19
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBGEL:2025:11117, Rechtbank Gelderland, 18-12-2025, ARN 24/9272
Rechtbank Gelderland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:CRVB:2025:1909, Centrale Raad van Beroep, 11-12-2025, 24/1852 WMO15
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RVS:2025:4004, Raad van State, 20-08-2025, 202404700/1/R4
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
26 juni 2024
Instantie
Rechtbank Oost-BrabantRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C-01-401638 - HA ZA 24-140
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2024:3326