ECLI:NL:RBOBR:2024:423, Rechtbank Oost-Brabant, 24-01-2024, C/01/395566 / HA ZA 23-506 — RBOBR:2024:423
Samenvatting
Contradictoir. Incident. Vrijwaring. Nederlandse eiseres en Turkse gedaagde. Er is geen bevoegdheidsincident opgeworpen, wel een vrijwaringsincident., tegelijk met de conclusie van antwoord in de hoofdzaak. Daarin wordt een beroep gedaan op onbevoegdheid van de rechtbank omdat gedaagde in Istanbul is gevestigd. Op grond van artikel 99 Rv is de Turkse rechter bevoegd, volgens gedaagde. In het kader van het vrijwaringsincident ambtshalve toetsing rechtsmacht. Er is sprake van een overeenkomst tot vervoer van goederen over de weg, met in de algemene voorwaarden een forumkeuzebeding voor de rechtbank Oost-Brabant. Op grond van artikel 31 CMR-verdrag is forumkeuze toegestaan. Artikel 7 Brussel I bis is, gelet op artikel 71 Brussel I bis, niet van toepassing. Toepasselijkheid van de algemene voorwaarden is niet betwist, dus de rechtbank is bevoegd om van het geschil kennis te nemen.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:11534, Rechtbank Rotterdam, 01-10-2025, C/10/692567 / HA ZA 25-73
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBAMS:2025:2853, Rechtbank Amsterdam, 01-05-2025, C/13/756405
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHARL:2024:2971, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 30-04-2024, 200.321.986/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht
ECLI:NL:GHSHE:2024:503, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 20-02-2024, 200.309.005_01 H (afwijzing)
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
24 januari 2024
Instantie
Rechtbank Oost-BrabantRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/01/395566 / HA ZA 23-506
Procedure
Tussenuitspraak
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2024:423