ECLI:NL:RBOBR:2025:7421, Rechtbank Oost-Brabant, 13-11-2025, 11705196 \ CV EXPL 25-3600 — RBOBR:2025:7421
Samenvatting
Eisende partij vordert een verklaring voor recht dat de huurovereenkomst tussen partijen met betrekking tot een standplaats met kindvak is vernietigd. Daarnaast vordert de eisende partij dat de voornoemde standplaats met kindvak wordt ontruimd en dat gedaagde partij wordt veroordeeld om bij wege van schadevergoeding de laatstelijk verschuldigde maandelijkse huurpenningen te voldoen. Vast staat dat er namens gedaagde partij cassatie is ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof in de strafprocedure. Omdat het arrest van het gerechtshof (nog) niet onherroepelijk is, is voor eisende partij op dit moment geen succesvol beroep op dwaling mogelijk en kan zij de huurovereenkomst met gedaagde partij (nog) niet vernietigen. De door eisende partij gevorderde verklaring voor recht wordt afgewezen. De overige vorderingen volgen het lot van de hoofdvordering en worden dus ook afgewezen.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHSHE:2025:1154, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 22-04-2025, 200.351.948_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht
ECLI:NL:GHARL:2025:1810, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25-03-2025, 200.330.115/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht
ECLI:NL:GHSHE:2024:1708, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 21-05-2024, 200.322.715_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBOBR:2021:5812, Rechtbank Oost-Brabant, 01-11-2021, 371465 / KG ZA 21-341
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
13 november 2025
Instantie
Rechtbank Oost-BrabantRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
11705196 \ CV EXPL 25-3600
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2025:7421