ECLI:NL:RBOBR:2026:710, Rechtbank Oost-Brabant, 29-01-2026, NL:TZ:0000350304:B001 — RBOBR:2026:710
Samenvatting
Opheffing bewind zonder zitting op verzoek bewindvoerder ivm geen constructieve samenwerking. De noodzaak is nog wel aanwezig maar betrokkene heeft niet de noodzakelijke grondhouding. De kantonrechter merkt nog op dat in beginsel betrokkene over een verzoek als dit gehoord dient te worden. Gelet op de inhoud van het verzoek, de e-mails van betrokkene en omdat het verloop van het bewind nog slechts enkele maanden geleden uitvoerig op zitting is besproken, ziet de kantonrechter in dit geval geen meerwaarde om betrokkene opnieuw tijdens een zitting te horen.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBOBR:2026:590, Rechtbank Oost-Brabant, 29-01-2026, C/01/420940 / FT RK 25/665
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht; Insolventierecht
ECLI:NL:RBOBR:2026:707, Rechtbank Oost-Brabant, 28-01-2026, 11962645 TD VERZ 25-1614
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBOBR:2026:709, Rechtbank Oost-Brabant, 27-01-2026, NL:TZ:0000353441:B001
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBOBR:2026:432, Rechtbank Oost-Brabant, 23-01-2026, NL:TZ:2600263:R-RK en NL:TZ:2600264:R-RK
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht; Insolventierecht
Gegevens
Datum uitspraak
29 januari 2026
Instantie
Rechtbank Oost-BrabantRechtsgebied
Civiel Recht; Personen- En FamilierechtZaaknummer
NL:TZ:0000350304:B001
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2026:710