Verdachte veroordeeld voor fraude met corona-TVL-subsidies — RBOVE:2026:1617
subsidiefraude / valsheid in geschrifte (corona-TVL)
Eiser / verzoeker
Officier van justitie
Verweerder / gedaagde
Verdachte
Verdachte veroordeeld voor het opzettelijk gebruikmaken van valse TVL-aanvragen en vervalste omzetbelastingaangiften (valsheid in geschrifte).
- Verdachte heeft opzettelijk gebruik gemaakt van valse TVL-aanvragen en vervalste omzetbelastingaangiften ten behoeve van meerdere BV's.
- De vervalsing bestond uit het opgeven van een onjuiste referentieomzet en gerealiseerde omzet om recht te geven op corona-steun.
- Verdachte stelde zijn bedrijven, bankrekeningen en inloggegevens (eHerkenning/DigiD) ter beschikking aan de plegers van de fraude.
- De zaak maakt deel uit van het grote fraudeonderzoek 'Brescia', waarbij 32 ondernemingen door de RVO werden aangegeven wegens valsheid in geschrifte.
- De rechtbank heeft het primair tenlastegelegde (medeplegen/gebruik van valse geschriften) bewezen verklaard.
Samenvatting
Tijdens de coronacrisis stelde de overheid de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) beschikbaar voor ondernemers die omzetverlies leden. Om in aanmerking te komen, moesten bedrijven hun omzetdaling aantonen met kopieën van btw-aangiften. In een grootschalig fraudeonderzoek, genaamd 'Brescia', werd ontdekt dat bij tientallen ondernemingen valse of vervalste documenten werden ingediend om onterecht TVL-subsidie te ontvangen.
De verdachte, geboren in 1957, wordt ervan beschuldigd dat hij in de periode van september 2020 tot en met maart 2021 opzettelijk gebruik heeft gemaakt van valse TVL-aanvragen en vervalste omzetbelastingaangiften. Dit gebeurde ten behoeve van meerdere bedrijven die op zijn naam of in zijn omgeving stonden. De vervalsing bestond eruit dat in de aanvragen een onjuiste referentieomzet en gerealiseerde omzet waren vermeld, waardoor een te groot omzetverlies werd voorgesteld.
Volgens het onderzoek werden twee medeverdachten ervan verdacht als centrale figuren te hebben gefunctioneerd: zij benaderden ondernemers, waaronder de verdachte, met het aanbod om namens hun bedrijven TVL-aanvragen in te dienen. Vervolgens stelden zij de frauduleuze aanvragen op en dienden die in. De verdachte wordt verweten dat hij hieraan heeft meegewerkt door zijn bedrijven, bankrekeningen en inloggegevens (eHerkenning en DigiD) beschikbaar te stellen.
De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) deed op 8 april 2021 aangifte van valsheid in geschrifte tegen 32 ondernemingen die bij hen TVL-aanvragen hadden ingediend. Mede op basis van die aangifte startte het strafrechtelijk onderzoek. De rechtbank heeft de zaak op tegenspraak behandeld; de verdachte was zelf niet aanwezig bij de zitting.
De rechtbank Overijssel heeft de verdachte schuldig bevonden aan het opzettelijk gebruikmaken van valse geschriften in het kader van de TVL-fraude en hem veroordeeld.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBZWB:2026:361, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 20-01-2026, RK 25-026674
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:8481, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 02-12-2025, 02-224908-24
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:8298, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 25-11-2025, 02-049504-25
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:6070, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 11-09-2025, 02-270278-24
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
26 maart 2026
Instantie
Rechtbank OverijsselRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
84/356039-24 (P)
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2026:1617